Essay: PO Rechtsstaat: Waar ligt de grens tussen vrijheid en gelijkheid? - Essay Marketplace

Essay: PO Rechtsstaat: Waar ligt de grens tussen vrijheid en gelijkheid?

Wanneer is iets vrijheid van meningsuiting en wanneer is iets discriminatie?

Inleiding
Vrijheid is een interessant en bovenal diepgaand onderwerp. Het is aanwezig in je dagelijks leven, maar jammer genoeg nemen veel mensen deze essenti??le waarde aan als vanzelfsprekend. Desalniettemin zijn er nog (te) veel staten waar mensen veel minder vrijheid genieten dan wij in de Westerse wereld. Vrijheid is echter niet de enige waarde die van belang is voor een vreedzame maatschappij: gelijkheid is dat ook. Gelijkheid gaat hand in hand met rechtvaardigheid en saamhorigheid (broederschap), iets wat terugkeert in het ideaalbeeld van onze samenleving. Maar wat is nou eigenlijk een goede balans tussen deze twee kernwaarden?

Te beantwoorden vragen
-Wat is vrijheid en waarom is dit belangrijk?
Geschiedenis, revoluties, wat is vrijheid voor ons? Hoe zou ons leven zonder vrijheid eruit zien?

Laten we beginnen bij verschillende definities van het woord. Vrijheid kan namelijk op verschillende manieren worden ge??nterpreteerd, zoals bijvoorbeeld op filosofische of sociologische wijze.
‘ Vrijheid in de sociologie
– Bestaat vrije wil?
– Negatieve/positieve vrijheid
– Politieke vrijheid/vrijheid in de grondwet
‘ Vrijheid volgens de filosofie: bestaat vrijheid ??berhaupt
– Vrijheid, handelingsbeperking of een wilsbeperking
– Formele en materiele vrijheid
– Fysicalisme
– Dualisme
– Scotisme
‘ Waarom is dit belangrijk?

-Wat is gelijkheid en waarom is dit belangrijk?
Wat is gelijkheid voor ons in ons dagelijks leven? Hoe zou het zonder gelijkheid zijn?

-Hoe denken verschillende partijen over deze kwestie?
Omdat zowel vrijheid en gelijkheid zeer belangrijke waarden zijn in onze cultuur zijn hebben alle partijen hier wel een idee over. Hoewel sommige partijen deze waarden hoger in hun agenda hebben staan dan anderen vinden alle partijen deze waarden belangrijk en hebben ze ook bijna allemaal een mening over welke van deze waarden het belangrijkst is voor de Nederlandse samenleving.
Om een algemeen beeld te krijgen zullen we eerst kijken hoe de verschillende stromingen in Nederland denken over deze waarden. Als we de Nederlandse politieke partijen willen opdelen doen we dit meestal in links en rechts of conservatief en progressief. Deze verschillende stromingen hebben allemaal een algemene mening over gelijkheid en vrijheid:
‘ Linkse partijen zijn meer voor een verzorging staat, zij willen dat iedereen de zelfde zorg en kansen kan verwachten onafhankelijk van het inkomen, ras of andere vorm van discriminatie, ze willen dus de sociale ongelijkheid zoveel mogelijk verkleinen. Hierin is duidelijk te zien dat linkse partijen Gelijkheid voorop vrijheid stellen en dus gelijke rechten boven de vrijheid van meningsuiting zetten stellen. (De extreme vorm hiervan is het communisme maar hierover later meer.)
‘ Rechts is de tegenhanger van links en vindt (economische) vrijheid belangrijker. Deze partijen zijn meer zoals een nachtwakers staat dan de verzorgingsstaat qua rechten en wetten. Voor rechts is de algemene vrijheid dus belangrijker dan de gelijkheid van de burgers.
‘ Conservatief is in theorie alleen het willen behouden van de huidige staatsvorm waar nog niet zo zeer een mening ten opzichte van vrijheid en gelijkheid in zit. Maar in praktijk komt het erop neer dat de oude waarden welke de conservatieve partijen willen behouden veelal te maken hebben met de derde waarde van de Franse revolutie namelijk broederschap(samen een gezamenlijk doel nastreven). Zo zijn er de waarde van de kerk die belangrijk zijn voor de Christelijke broederschap zoals het behouden van een anti-abortus wet die belangrijk is om samen aan de wensen van god te voldoen hoewel deze de vrijheid inperkt. Niet alle partijen die conservatief zijn hoeven automatisch de vrijheid te willen inperken, ook de Partij van de Vrijheid kan gezien worden als een conservatieve partij omdat zij de Nederlandse identiteit willen behouden (van deze partij valt te twisten hoeveel zij werkelijk voor vrijheid staan daarover meer later).
‘ Progressief is de tegenhanger van Conservatief en is voor het vooruit streven van wetten. Progressief kan gelinkt worden aan de rechtse kant van het kabinet omdat zij beide Vrijheid hoog in het vaandel hebben staan. De ‘oudere’ morele waarden zijn voor deze partijen minder belangrijk en zij willen de burgers hier zelf meer vrijheid over geven. Dit zijn kwesties zoals het homohuwelijk, abortus en euthanasie.
Natuurlijk hebben de partijen niet allemaal de exacte mening als de stroom waar ze in zijn geplaatst maar lopen deze uiteen tussen partijen (en zelfs binnen de partij zijn ze het meestal niet samen over deze punten eens.) Om een overzicht te geven van hoe partijen over deze vrijheid en gelijkheid denken (en dus ook ongeveer hoe hun kiezers over deze standpunten denken) geven we een overzicht over de grootste en/of meest opvallende partijen bij de recentste verkiezingen.
‘ PVV (toen 10,08%van de stemmen): Het is niet moeilijk in te schatten welke waarde deze partij hoger in het vaandel heeft kijkend naar de naam van deze partij. Hun partij leider Geert Wilders beroept zich vooral vaak op de vrijheid van meningsuiting maar hoe denkt de partij over de overige vrijheden en gelijkheden. Hun partij programma onderdeel ‘Onze vrijheid’ begint met de uitspraak: ‘Meer vrijheid betekent minder EU en minder islam.’ Deze uitspraak strookt met artikel 6 van de grondwet namelijk de vrijheid van religie en levensovertuiging. Dit is een voorbeeld hoe de vrijheid van het ene individu kan worden belemmerd door de vrijheid van het andere. Wilders vind dat de Islam vrijheid-beperkend is en dus wil hij liever niet dat er (te) veel Islam in Nederland is wat weer de vrijheid van de Islamieten inperkt. Hier moet wel gezegd worden dat de vrijheid van religie ook gelinkt kan worden met gelijkheid omdat dit betekend dat religie niet uit maakt en alle mensen met verschillende religies gelijk zijn. Dit is een voorbeeld van waar vrijheid en gelijkheid niet elkaars tegenovergestelde maar elkaars gelijken zijn.
‘ VVD (toen 26,58 % van de stemmen): Ook al staat VVD er minder om bekend, ook deze partij heeft vrijheid in de naam, maar als je tussen hun stand punten kijkt staat daar ook: ‘De gelijkwaardigheid van alle mensen is een van de belangrijkste uitgangspunten van de VVD.’ In andere punten komt het liberalisme van de partij wel naar boven, zo willen ze minder invloed van de regering op een toen belangrijk punt namelijk roken omdat de burger vrij zou moeten zijn in diens doen en laten en ook vind de VVD dat immigranten vrij moeten zijn om afstand te doen voor hun oude nationaliteit. Hoewel de VVD voor een soepeler asiel beleid dan de PVV is schuwen ook zij niet voor het inperken van de vrijheden van deze groep. De VVD heeft gepleit om asielzoekers vaker vast te zetten in vreemdelingendetentie naar dit de kans dat de asielzoeker terug keert vergroot. Deze maatregel lijkt tegen zowel de gelijkheid als de vrijheid van deze mensen in te gaan. Ondanks dit hebben de VVD en de PVV stroeve gesprekken, hoewel de VVD de vrijheid van meningsuiting zegt te respecteren en vind dat er daar geen onterechte grenzen zijn overschreden maar de VVD vind wel dat een groep niet over een kam gescheerd mag worden waardoor hun individuele successen worden vergeten. De VVD vindt dat men altijd naar het individu moet kijken ook al komt een bepaalde groep vake terug in de statistiek.
‘ PVDA (toen 24,84% van de stemmen)PVDA is opvallend genoeg de enige van de vier grootste partijen waar je niet meteen uit de naam kan herleiden welk van de twee waarden ze het belangrijkst vinden. Hoewel arbeid in de geschiedenis meer op gelijkheid duidt, denk hier bij bijvoorbeeld aan de socialistische SDAP (sociaal democratische arbeid partij) en ook de USSR was erg gericht op de arbeiders. In hun beleidsplan blijken ze dan ook meer voor gelijkheid te zijn, bij het kopje emancipatie schrijven zij ‘Wij staan voor een Nederland waarin iedereen gelijk is en iedere Nederlander de kans krijgt om haar talenten te ontplooien.’ en daarnaast zijn ze ook voor subsidies voor de mensen en ook landen die het minder breed hebben zodat iedereen in de maatschappij kan meedoen. Daarnaast willen zij de mensen die zorg nodig hebben opvangen tegen lage tot geen zorgen. PVDA is voor het integreren van asielzoekers zodat echt iedereen gelijker is, dit valt niet altijd in goede aarde omdat dit de vrijheid beperkt van de asielzoekers hun eigen identiteit en dit heeft dan ook tot een breuk in de partij geleidt. Echter is de PVDA wel voor een versoepeling van de vrijheid van meningsuiting en vinden ze dat iedereen vrij moet zijn in hun eigen keuzes.
‘ SP (toen 9,65% van de stemmen)De naam SP (socialistische partij) duidt al op gelijkheid en ook als je op hun site kijkt staat het vol leuzen als: ‘eerlijk delen’ onderwijs voor iedereen’ en ‘fatsoenlijk en betaalbaar’. Opvallend genoeg staat tussen al deze leuzen niks over discriminatie en emancipatie waar dat bij de drie andere partijen wel zo was. Echter zet de SP zich wel in tegen discriminatie zowel op de arbeidsmarkt als sociaal en ook vinden zij dat we asielzoekers als ons gelijke moeten behandelen en hun landen van herkomst helpen. Ook al lijkt de SP de van deze drie partijen de partij die het meest naar gelijkheid streeft ook zij vinden vrijheid en dan specifiek voor dit onderzoek belangrijk vrijheid van meningsuiting belangrijk. De SP strijdt net als de andere partijen voor de vrijheid van meningsuiting en kaart het dan ook aan wanneer er misstanden zijn; de SP heeft ook gezegd de vrijheid van meningsuiting de belangrijkste vrijheid van de grondwet te vinden.
Niet over de hele wereld wordt hetzelfde gedacht en ook door de tijd heen is de mening over deze waardes veranderd. Omdat we niet de hele wereld sinds het begin der tijden kunnen bekijken zullen we de extremen bekijken en kijken welke voor en nadelen deze extremen met zich meebrengen.
Ons eerste voorbeeld is Noord Korea het is een land dat geen goede verhoudingen heeft met de westerse wereld en dat komt meestal door een andere blik op waarden. Hoewel Noord Korea zichzelf de Democratische Volksrepubliek Korea noemt zijn er geen vrijheden zoals democratie te vinden. Net zo min is er vrijheid van meningsuiting, wie een mening heeft die afwijkt van die van de gezaghebbende familie kan worden vermoord of gedeponeerd in een kamp samen met de bestaande en de nog komende familie. Noord Korea is een communistische staat en dus hebben ze hier gelijkheid bovenaan staan. Dit gaat zover dat de mensen hetzelfde gekleed moeten zijn en hetzelfde kapsel moeten dragen. De gezaghebbende familie doet hier niet aan mee, zij zijn luxer gekleed, wonen luxer en hebben niet de zelfde naam als de rest (sinds recent mag geen burger de zelfde naam als de macht hebber hebben). Behalve de slechte verhouding met het westen heeft deze manier van regeren nog meer negatieve kanten. Zoals eerder gemeld zijn er straf kampen nodig om de mensen in het gering te houden (dit schijnt overigens de enige plek te zijn waar de mensen anders kunnen zijn hoewel de vrijheid hier nog minder is). Ondanks deze en andere manieren om mensen binnen te houden zijn er meer dan 1000 mensen per jaar die uit het land vluchten en de mensen die achter blijven hebben veelal niet genoeg te eten en amper vrije tijd. veel voordelen zijn er ook niet aan deze staat. Over eventuele voordelen hoor je niet veel in onze westerse wereld, volgens Noord Korea zelf zijn de mensen Nationalistisch en Gelukkig. Hoewel dit raar lijkt in een dergelijke staat zou het mogelijk kunnen zijn omdat mensen niet weten hoe het buiten de grenzen en daar hun hele leven zitten. Deze mensen wordt aangepraat en praten waarschijnlijk elkaar aan dat hoewel ze op een plek met amper vrijheid wonen en er grote hongersnoden zijn, het in de rest van de wereld vast slechter is en dat ze in ieder geval een baan hebben en met hun familie zijn. Ook is het onderlinge gevoel beter, omdat in Noord Korea niet veel buitenlanders zijn en zeker geen die beledigd mogen worden is het niet duidelijk hoe dit invloed heeft op racisme.
Als tegenhanger gebruiken we ‘the land of the free’ oftewel de Verenigde Staten. Hoewel de Verenigde Staten pas op plek 7 staat volgens de world freedom index 2013 leek het ons toch goed om deze als voorbeeld te kiezen. Dit omdat Nederland al op nummer 2 staat en land ‘?n namelijk Nieuw Zeeland hier qua rechtstaat wel veel op lijkt. De Verenigde Staten hebben de laatste tijd veel problemen met racisme en dit broeit al een zeer lange tijd maar hoeveel heeft dit te maken met hun vrijheid (reputatie). In de grondwet oftewel The United States Constitution staat vrijheid op amandment een en gelijkheid pas op amandment vijftien anders dan in Nederland waar gelijkheid artikel een is en vrijheid (zoals eerder genoemd) artikel zes. De recente problemen komen vooral door het politie geweld tegen de gekleurde bevolking. Hoewel de vrijheid ook ervoor heeft gezorgd voor de bescherming van discriminatie heeft het ook gewerkt tegen discriminatie. Deze vrijheid van meningsuiting maakte alle speeches van bijvoorbeeld mensen als Martin Luther King legaal gemaakt en ook in eerdere tijden voor de afschaffing van slavernij gezorgd.
Daarnaast is er ook nog de soort staat waarvan Wilders dacht dat het de vrijheid beperkt namelijk de Islamitische staat. Deze staatsvorm wordt vooral in meer of mindere mate uitgeoefend in Noord-Afrika en het Midden-Oosten. De wetten in deze staten zijn (deels) gebaseerd op de Koran en volgens sommige (waaronder dus Wilders) beperkt dit de vrijheid. De vrijheid die ontbreekt, is bijvoorbeeld de vrijheid van religie, doordat iedereen aan de religie Islam moet meedoen. Ook bepaalde wetten die in de vroege dagen van de Koran normaal waren maar tegenwoordig niet meer worden getolereerd worden zoals de verminderde vrouwen rechten (hoewel alle mensen volgens god en dus Allah gelijk zijn)en het verbieden van kritiek op de koran en zo dus de wet. Deze laatste regel beperkt ernstig de vrijheid van meningsuiting maar deze zorgt niet voor het uitsluiten van discriminatie. Omdat iedereen moet voldoen aan de Koran is er automamtisch discriminatie tegen religies maar behalve tegen geloof en andere geslachten blijkt het alle mensen zijn gelijk van eerder wel voor huidskleur te gelden. Moslims zien elkaar meer als broeders dan andere volkeren of religies en zullen dus minder snel op ras discrimineren (hoewel er natuurlijk uitzonderingen zijn).

http://www.vvd.nl/nieuws/281/vvd-wil-vreemdelingen-vaker-vastzetten
http://www.vvd.nl/standpunten/25/roken#lezen
http://www.vvd.nl/standpunten/173/discriminatie#lezen
http://www.vvd.nl/nieuws/310/reactie-vvd-op-uitlatingen-wilders
http://www.verkiezingsuitslagen.nl/Na1918/Verkiezingsuitslagen.aspx?VerkiezingsTypeId=1
http://mens-en-samenleving.infonu.nl/politiek/102528-overzicht-politieke-standpunten-per-politieke-partij.html
http://www.denederlandsegrondwet.nl/9353000/1/j9vvihlf299q0sr/vgrnbhimm5zv
http://www.ipsos-nederland.nl/content.asp?targetid=621
http://www.tk2012.kieskompas.nl/faq/
http://www.prodemos.nl/Kenniscentrum/Informatie-over-politiek/Politieke-partijen/Indeling-van-partijen
http://www.mijnwoordenboek.nl/puzzelwoordenboek/BROEDERSCHAP/1
https://www.google.nl/search?q=opinies+van+politieke+partijen+op+de+kernwaarden&ie=utf-8&oe=utf-8&aq=t&rls=org.mozilla:nl:official&client=firefox-a&channel=sb&gfe_rd=cr&ei=g-6GVJ-yCIzl-ga-oYHIDw#rls=org.mozilla:nl:official&channel=sb&q=overzicht+standpunten+politieke+partijen+nederland
http://www.pvda.nl/standpunten
http://www.pvda.nl/berichten/2013/03/Verbod+godslastering+strijdig+met+vrijheid+van+meningsuiting
http://www.rtlnieuws.nl/nieuws/politiek/waarom-twee-turkse-pvdaers-uit-de-fractie-zijn-gezet
https://www.sp.nl/thema/recht-en-veiligheid
‘ https:http://dordrecht.sp.nl/blog/alle/ronald-portier/2014/09/sp-op-de-bres-voor-de-vrijheid-van-meningsuiting//www.sp.nl/themas
http://www.volkskrant.nl/dossier-noord-korea/de-noord-koreaanse-tranen-om-kim-jong-il-zijn-echt~a3084317/
‘ Vrijheid van meningsuiting, racisme en revisionisme By Dirk Voorhoof

-Hoe is het gesteld met vrijheid en gelijkheid in andere staten?
Verschillende staten op geloof, westen, oosten, Afrika, midden-oosten

-Hoe vrij zijn wij (geweest)?
link Machiel de Graaf: http://www.joop.nl/opinies/detail/artikel/29723_factcheck_plegen_moslimas_baarmoederjihad/ http://www.nrc.nl/nieuws/2014/11/27/onbenullige-pvv-overschrijdt-nieuwe-grenzen/
link baarmoederjihad:
http://www.joop.nl/opinies/detail/artikel/29723_factcheck_plegen_moslimas_baarmoederjihad/
Geschiedenis vrijheid van meningsuiting
http://www.kennislink.nl/publicaties/vrijheid-van-meningsuiting-komt-uit-de-middeleeuwen

-Waar/wanneer zijn vrijheid en gelijkheid uit balans (geweest)?
Zie extremen (dictatuur, etc.) bv. Nazi Duitsland, totalitaire staten (noord-Korea)

-Waar ligt de grens tussen vrijheid en gelijkheid? Conclusie
Oude samenlefvingen, wat is de utopie
Vrijheid van meningsuiting

Taakverdeling:
Voor de taakverdeling gaan we eerst overleggen over wat onze mening en visie is op de vragen die tijdens deze PO beantwoord worden. Zodra we hierover overeenstemming hebben bereikt kunnen we het uitwerken van deze vragen verdelen. Doordat wij dezelfde visie op de vragen/thema’s hebben, zal het niet veel uitmaken wie welke vraag beantwoord, aangezien dit slechts het uitgebreider opschrijven van de besproken visie is. Nadat alle vragen zijn uitgewerkt, zullen we samen alles nog een keer doorlezen en controleren op herhaling of afwijkingen van de collectieve visie, waardoor de PO een goed samenhangend geheeld wordt.

Wat is gelijkheid en waarom is dit belangrijk?

In de hedendaagse, Westerse landen is de staatsvorm en maatschappij gebaseerd op de drie kernwaarden vrijheid, gelijkheid en broederschap.
Deze waarden werden na de val van het feodalisme in Europa, en het begin van de democratische staten die daarvoor in de plaats kwamen, gezien als de essentie van een samenleving, omdat dit de macht van de burgers over de absolute heersers verwoordde.
Gelijkheid is de waarde dat alle mensen (in een staat), gelijkwaardig aan elkaar zijn, met dezelfde (grond)rechten en plichten. Het wordt ook geacht als de fundering van de rechtsstaat en een van de meest belangrijke factoren bij het goed functioneren van een (pluriforme) maatschappij. Zo zijn de landen die niet een onvoorwaardelijke vorm van gelijkheid toepassen, meestal niet een rechtsstaat of democratie en handelt de staat niet in het belang van alle inwoners. Hiervan zijn zowel vandaag de dag als in de geschiedenis talloze voorbeelden te geven. Desalniettemin is gelijkheid nog steeds een kwestie van veel discussie en onvrede over de hele wereld, zelfs in staten waar formeel iedereen onvoorwaardelijk gelijk is, en deze discussie over gelijkheid is vaak onlosmakelijk verbonden met discriminatie en racisme.
Discriminatie is in Nederland, en elke Westerse rechtsstaat bij de wet verboden, maar komt in de realiteit nog altijd voor, en dan vooral bij minderheden en andersdenkenden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan homoseksuelen, die op grond van hun geaardheid worden gediscrimineerd. Veel mensen geloven namelijk, door culturele opvattingen of geloofsovertuigingen, dat homoseksualiteit ‘onnatuurlijk’ of zelfs een zonde is.
Dit is ook waar gelijkheid en vrijheid van meningsuiting met elkaar verweven raken. Volgens de wet is iedereen gelijk en moet iedereen dus ook op een gelijke manier behandeld worden, maar volgens de wet mag iedereen ook zonder beperkingen zijn mening uiten, tenzij deze natuurlijk te extreem is, in het geval van aanzetting tot geweld of haat zaaien. Door deze twee grondrechten van onze rechtsstaat, is het noodzakelijk om een balans hiertussen te vinden, en vragen zijn over hoe ver vrijheid van meningsuiting mag gaan een essentieel vraagstuk in de democratie.
Hoe zit het bijvoorbeeld met het stellen dat niet iedereen gelijk is, zoals de homoseksuelen die eerder werden genoemd. Is dit geoorloofd volgens de wet? Of gaat zelfs het twijfelen aan een van de belangrijkste waarden in onze samenleving – gelijkheid – al te ver? Meestal wordt dit niet het geval bevonden door zowel de rechtelijke macht als de burgers, aangezien vaak de overtuiging dat vrijheid van meningsuiting en de ruimte voor andersdenkenden en twijfelaars bij dit soort geweldloze beweringen belangrijker is, bij de meeste mensen overheerst, waarop ook het geroemde poldermodel is gebaseerd.
Desalniettemin kan men zich hierbij ook afvragen, of het twijfelen aan de gelijkheid van mensen op basis van geaardheid, maar natuurlijk ook op welke grond dan ook, wel getolereerd moet worden binnen een staat door zowel de burgers als de wet. Deze geweldloze vormen van discriminatie zorgen namelijk niet voor direct leed aan de minderheden, maar wel voor een maatschappelijke stigmatisering en niet open visie op de rechten en acceptatie van minderheden, wat niet ten goede komt van de maatschappelijke uitwerking van het grondbeginsel van gelijke behandeling. Echter, zoals al eerder werd genoemd, heerst in de rechtsstaat over het algemeen de mening dat in dit soort gevallen de vrijheid van meningsuiting nog wel voor het niet-discriminatie beginsel gaat, en dit dus niet strafrechtelijk of maatschappelijk wordt veroordeeld.
Hierdoor kan men zich afvragen waar de grens ligt bij het in twijfel stellen van de gelijkwaardigheid of gelijke rechten en behandeling van een minderheid. Kan dit alleen niet als in deze me opinies oproept tot geweld of duidelijk uit is op haat zaaien, of is de grens al eerder?
Zo is een relatief nieuw fenomeen de zogenaamde generalisatie, wanneer een aantal leden uit een groep of minderheid, die ondeugdelijk gedrag vertonen in de maatschappij, worden aangezien als de standaard binnen diezelfde groep. Dit heeft een negatieve impact op de manier waarop andere groepen naar deze groep kijken, die in de meeste gevallen niet klopt met de werkelijkheid, en waardoor de meerderheid van de deze groep, die totaal niet voldoen aan de van buitenaf gedachte ondeugdelijke stereotypen, qua behandeling en kansen achtergesteld wordt. Deze vorm van discriminatie wordt vaak toegestaan in de rechtsstaat.
Hierbij moet alleen wel gelet worden op de ontwikkeling van de discriminatie door de afgelopen decennia heen. Waar vroeger mensen vooral werden gediscrimineerd vanwege hun huidskleur of andere eigenschappen waar zij zelf niks aan konden doen, zoals handicaps, dus hoe zij zijn. Terwijl mensen tegenwoordig meer worden gediscrimineerd op basis van hun daden en overtuigingen, dus wat zij doen. Dit is een ontwikkeling die erg samenhangt met generalisatie, omdat de daden of overtuigingen van enkelen binnen een groep, worden gezien als die van de complete groep. Een goed voorbeeld van het toepassen van generalisatie zijn de standpunten van PVV-leider Geert Wilders. Zijn partij is tegen de ‘Islamisatie van Nederland en het Westen’, en heeft een uitgesproken mening over het immigratiebeleid en vooral Turken en Marokkanen in Nederland. Bij zijn negatieve uitlatingen over deze relatief grote groepen in Nederland gebruikt hij vaak een onderbouwde vorm van generalisatie, om zijn stand- punten te ondersteunen, namelijk generalisatie in statistiek. Daarbij wordt bij de generalisatie verwezen naar onderzoeken, enqu??tes en andere statistieken om een minderheid in een kwaad daglicht te stellen, terwijl het wel gegronde kritiek is, in plaats van slechts vooroordelen.
Deze vorm van generalisatie zet het standpunt dus overtuiging bij door middel van feiten en statistieken, wat dus een re??el beeld geeft van de gediscrimineerde groep. Dit kan zorgen voor een moreel dilemma: is het geoorloofd om te discrimineren of verder te mogen gaan in het discrimineren en het in twijfel brengen van de gelijke behandeling van een bepaalde bevolkingsgroep, wanneer statistieken de vooroordelen of onvrede over deze groep bevestigen? Kortom, geeft het onderbouwen van het standpunt tegen gelijke behandeling de spreker meer vrijheid van meningsuiting dan zonder deze onderbouwing?
Dit zou kunnen betekenen dat de gelijke behandeling van mensen in twijfel kan worden getrokken door generalisatie in statistiek, iets wat nu al te zien is in de standpunten van de PVV en vele burgers om Turken en Marokkanen met dubbele paspoorten bij een herhaaldelijke criminele activiteiten terug te sturen naar hun land van ‘oorsprong’. Maar als dit met de Turken en Marokkanen gebeurt, waarom dan niet met mensen met andere nationaliteiten, zowel Westers als niet-Westers. Hoe zouden mensen reageren als Chinezen, Zuid-Afrikanen of zelfs Amerikanen teruggestuurd zouden worden naar hun land van herkomst vanwege deze zelfde onderbouwing? Hebben zij het er dan zelf naar gemaakt? Want wanneer statistisch te bewijzen is dat een bepaalde bevolkingsgroep over het algemeen afwijkend of ongewenst gedrag vertoont, kunnen zij dan ondanks hun gelijkheid toch uit een maatschappij worden gedwongen? Of is het feit dat hier zo objectief naar gekeken kan worden, dat mensen worden beoordeeld op wat zij doen in plaats van wie zij zijn, juist een uiting van onze gelijkheid? In de praktijk wordt door vrijheid van meningsuiting het wekken van dit soort suggesties binnen een samenleving niet snel veroordeeld, en is dit ook wel een extreem idee, waar veel Nederlanders niet (volledig) achter staan.
Bovenstaande meningen worden dus veelal wel getolereerd, maar alleen niet overgenomen in de wet en leidt ook niet tot het daadwerkelijk uitzetten van zware criminelen, en in het geval van uitzetting door anders denken is al helemaal geen sprake, ook niet qua tolerantie. Wat daarentegen wel een intrigerend vraagstuk is, maar wel meer richting een, in onze staat waar gelijkheid en vrijheid van meningsuiting twee van de belangrijkste rechten zijn, is over het deel van de bevolking die voor het stichten van een kalifaat – een zogenaamde sharia-staat – zijn. Deze mensen zijn namelijk voor het instellen van de wetten van de sharia, en deze wetten komen op veel vlakken totaal niet overeen met die uit de rechtsstaat. De wetten van de sharia zijn namelijk voor lijfstraffen, dood- straffen en straffen voor zeden die in Nederland als niet afwijkend worden gezien, maar ook tegen het gelijkheidsbeginsel als grondrecht voor elke burger en voor absolute vrijheid van meningsuiting. Deze totale afwijking van veel van de normen en waarden waar onze maatschappij op is gebaseerd, en dan vooral op het gebied van vrijheid (van meningsuiting) en gelijkheid, is voor veel mensen beangstigend en wordt in ieder geval maatschappelijk vaak niet geaccepteerd. Het twijfelen en anders denken over het invoeren van een staat als een kalifaat, is in een rechtsstaat natuurlijk wel toegestaan, op basis van gelijkheid en vrijheid vanu meningsuiting.
Er ontstaat echter, in mijn opinie, bij dit soort gevallen wel een moreel vraagstuk. Namelijk: Zouden de burgers in een rechtsstaat, die deze bekritiseren en zijn voor de invoering van een staat- en rechtsvorm waarin de kernwaarden en rechten van de rechtsstaat niet gelden, zich ??berhaupt moeten kunnen beroepen op de rechten van diezelfde rechtsstaat waar zij zelf niet eens voor zijn? Deze vraag is in eerste instantie misschien totaal ondenkbaar, voor een mens met een weloverwogen en open visie, die is gebaseerd op de kernwaarden van de rechtsstaat. Dit is nochtans niet per se een mening, maar eerder een filosofische, morele kwestie: Moet een rechtsstaat ook opkomen voor hen, die de rechtsstaat juist omver willen werpen? En in dit geval moet natuurlijk ook rekening gehouden worden met de denkbeelden van ‘hen’.
In de sharia worden namelijk wetten genoemd die in een rechtsstaat absoluut niet geaccepteerd zouden kunnen worden, zoals het instellen van de doodstraf voor homoseksuelen, beperken van sekse- en geloofs- vrijheid en het invoeren van lijfstraffen. Maar dan nog kan men zich afvragen: heeft men bij dit soort anti-rechtsstaat meningen, waarbij minderheden het liefst worden uitgemoord en gelijkheid geen plek heeft, een andere grens met betrekking tot vrijheid van meningsuiting dan bij andere, minder afwijkende, meningen? Moet een rechtsstaat een onvoorwaardelijk podium bieden voor degene die hem willen afschaffen?
Dit vraagstuk kan vervolgens ook weer een probleem zijn voor vrijheid van religie, aangezien dit tot nu toe een van de meest gekoesterde vrijheden van de rechtsstaat is, en ook zou moeten blijven. Deze vrijheid in de rechtsstaat opzij worden geschoven zodra er wordt opgeroepen tot geweld, discriminatie en haat? Net zoals met vrijheid van meningsuiting. Verder moet er natuurlijk de onvoorwaardelijke vrijheid zijn voor andersdenkenden en het uiten van meningen. Wat betreft gelijkheid in de rechtsstaat zal het grondrecht van vrijheid van meningsuiting altijd blijven bestaan, zolang dit binnen de perken van de wet blijft, en indien mogelijk gebaseerd is op feiten, in plaats van ongegronde vooroordelen.
Ofwel, het grondbeginsel van gelijkheid is een recht wat bekritiseerd en anders bekeken mag worden, zolang dit geweldloos gebeurt en niet ongegrond haat zaaiend is, maar wat verder binnen de rechtsstaat gerespecteerd en geaccepteerd moet worden, zowel door de rechtelijke macht, als door de burgers uit de maatschappij zelf.

Review this essay:

Name
Rating
Your review: (optional)

Latest reviews:

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.