Inhoudsopgave - Essay Marketplace

Inhoudsopgave

Inhoudsopgave

– Plan van aanpak

– Wat is een computer

– Het begin

– De eerste elektronische computers

– De eerste microcomputers

– De miniaturisatie

– De PC

– De integratie van de computer in het zakenleven

– De computer voor amusement

– De opkomst van de mobiele apparaten

– Bronvermelding
Sectorwerkstuk vragen/ plan van aanpak

Hoofdvraag: Hoe verliep de geschiedenis van de computer en is het mogelijk om er zelf een te bouwen?

Deel/onderzoeksvragen:

1. Wat is een computer?
2. Wat waren de redenen voor het uitvinden van computers?
3. Waar werden de eerste computers voor gebruikt?
4. Hoe verliep de miniaturisatie van de computer? (groot naar klein)
5. Wat zijn de verschillen tussen de vroege en hedendaagse computers?
6. Hoe verliep de integratie van computers in het zakenleven?
7. Opkomst mobiele apparaten. (hoe/waarom)
8. Wat was het effect van de wo2 op de ontwikkeling van de computer.

Taakverdeling

Stephan: Hoe verliep de miniaturisatie?, Hoe verliep de integratie in het zakenleven?, Effect WO2 op de ontwikkeling van de computer?, bouwen?

Jetze: Wat waren de redenen voor het uitvinden?, Waar werden de eerste computers voor gebruikt?, Wat zijn de verschillen tussen de vroege en hedendaagse computers?, Hoe verliep de opkomst van de mobiele apparaten?, bouwen?, PowerPoint.

Stephan: miniaturisatie, PC, integratie computers in zakenleven, bouwen computer.

Jetze: opkomst en gebruik v/d eerste computers, opkomst mobiele apparaten, bouwen computer.

Wat is een computer?

Een computer is een apparaat dat gebruikt wordt om gegevens mee te verwerken. Naast elektronische computers bestaan er ook mechanische en analoge computers. Een computer kan met verschillende getallenstelsels, zoals het decimale (tientallige) en het binaire (tientallige) stelsel. Het binaire getallenstelsel wordt tegenwoordig gebruikt door computers.

De computer wordt sinds zijn grote opkomst ook gebruikt voor internet en amusement. De procedures die de computer uitvoert liggen vast in programma’s, software genoemd. De fysieke onderdelen waaruit een computer bestaat noemen we de hardware.

Het begin

Het ontstaan van de computer begint met de geschiedenis van het rekenen. Mensen hebben vanouds hulpmiddelen ontwikkeld waarmee zij gemakkelijker berekeningen kunnen uitvoeren. Zo werd de kerfstok gebruikt om de schulden van mensen vast te leggen. En werd ook het telraam uitgevonden. Naarmate de berekeningen moeilijker werden tabellen met hulpgegevens bedacht. In het Verenigd Koninkrijk waren bijvoorbeeld centra met mensen die tabellen maakten voor navigatiedoeleinden.

In 1833 kwam de Britse wiskundige Charles Babbage met het idee van de analytische machine. Deze machine zou in staat zijn om vanaf ponskaarten wiskundige berekeningen uit te voeren. Het idee wordt gezien als het concept van de computer. Charles ging op zoek naar iemand die hem kon helpen met het uitvoeren van zijn idee. Zo vond hij Ada Augusta, een amateurwiskundige. Zij schreef de instructies voor de machine en ontwikkelde zo een subroutine. Dat is een volgorde van programma instructies die een bepaalde taak uitvoeren. Ook dacht ze na over de sprongroutine. Ada was dus eigenlijk de eerste programmeur. Abbage heeft de machine helaas nooit kunnen voltooien.

Laat in de 19e eeuw bouwde Herman Hollerith telmachines die werkten door middel van ponskaarten. Aan deze telmachines werden sorteermachines verbonden. Konrad Zuse bouwde in 1938 de eerste computer. Hij had hierbij gebruik gemaakt van het binaire stelsel. De computer werkte nog steeds mechanisch. Een jaar later maakte hij de eerste elektromechanische computer.

De eerste elektronische computers

Door de tweede wereldoorlog ging de ontwikkeling van computers als een speer. Het Verenigd Koninkrijk maakte in Betchley Park gebruik van de Colossus. Deze computer was in staat om berichten die met de Duitse Lorenz-codeermachine vercijferd waren te kraken.

De eerste computer in de VS was de ENIAC (Electronic Numerical Integrator And Calculator). Deze computer nam enkele klaslokalen in beslag en bestond uit 18.000 buizen, 70.000 weerstanden, 10.000 condensatoren en 6.000 schakelaars. De ENIAC gebruikte evenveel energie als een zware locomotief.

De ARRA 1 was de eerste computer in Nederland, hij werd gebruikt door het mathematisch centrum in Amsterdam. Deze machine was echter geen succes. De machine moest bij de opening een tabel met willekeurige getallen maken. Nadat de computer dat gedaan had ging deze kapot.

ENIAC ARRA 1

De eerste microcomputers

Door de uitvinding van de microprocessor kon de computer flink worden verkleind. Het geheugen begon in die tijd echter hard te groeien. Zo kon het experimenteren met kleine computers beginnen. Verschillende kleine bedrijfjes begonnen in de jaren zeventig met het bouwen van computers rond de microprocessor.

Bedrijven zoals Altair, Tandy en Apple bouwden de voorlopers van de computer zoals we hem nu kennen. Er waren eerder al terminals, werkstations die vrij veel op een pc leken. Deze terminals konden echter niets zonder de grote basiscomputer. De kleinere computers waren zo vernieuwend omdat ze daadwerkelijk los van de basiscomputer konden werken. Dit maakte ze echte personal computers.

(een van de eerste microcomputers) (vroege microprocessor)

De microcomputers werden ook wel hobbycomputers genoemd. Deze computers werden namelijk gemaakt voor een kleine markt van hobbyisten.

Een van de pioniers uit die tijd was Bill gates, een jonge Harvard-student die in zijn vrijetijd microcomputers in elkaar zette. Later ontwierp hij het computersysteem MS-Dos en richtte hij het bedrijf Microsoft op. Ondertussen keken de grote automatiseringsbedrijven toe hoe kleine bedrijfjes zoals Apple en Microsoft experimenteerden met de nieuwe technologie.

De Miniaturisatie
De computer was vroeger erg groot, zwaar en duur omdat de onderdelen nog niet zo klein waren zoals ze vandaag de dag zijn. Daarom waren de eerste computers in bezit van de overheid en grote bedrijven. De computers een stuk kleiner toen de transistor werd uitgevonden in 1947. Met de ontwikkeling van de elektronica en de halfgeleiders die worden toegepaste in de transistors, kon de computer kleiner en sneller worden. De complexiteit van de chips werd in de jaren 70 verbeterd zodat he mogelijk werd een complete processor op een chip te integreren. Daardoor werd het veel goedkoper. De eerste thuiscomputers waren klein en goedkoop genoeg om door de consument te kunnen worden aangeschaft.

De PC (Personal Computer)

Eind jaren zeventig werkte er bij IBM een groep van 12 technici en ontwerpers onderleiding van Don Estridge en kregen de nam Entry Systems Devision. Ze kregen de opdracht een PC te ontwikkelen voor thuis gebruik. Ze slaagden er in binnen een jaar met een eigen ontwerp tekomen hiervoor gebruikte ze zo weining mogelijk eigen componenten en kochten ze van andere bedrijven. Zo kochten ze bijvoorbeeld een toen nog te onwikkelen besuurings-systeem van het toen nog onbekende en kleine brijf Microsoft. Op 12 augustus 1981 presenteerde IBM hun nieuw ontwikkelde PC de 5150 IBM PC waarvan laten we zegen de specifcaties vele malen lager waren dan de computers die we nu hebben. De destijds eenvoudigste uitvoeringen bestonden uit een toetsenbord en een systeemkast. Een cd-speler had het niet, progamma’s werden opgeslagen op een cassetterecorder met een floppydrive. Des tijds betaalde je voor de PC 4445 gulden of te wel 2017 euro. Eind 1982 werden er op werkdagen een computer per seconde verkocht. Na een periode waarin een groot aantal soorten computers op de markt werd gebracht, trad uiteindenlijk een concurentieslag toe waaruit bleek dat het model van IBM de grootste overwinnaar was. En dan niet omdat het de beste computer was maar omdat het de grootste op de markt was.

De interegatie in het zakenleven

Door het gewicht werd de PC langzamerhand ook in het zakenleven serieus genomen en de eerste praktische en nuttige toepassingen begonnen het licht te zien. Omdat merendeel van de componenten vrij op de markt beschikbaar was en specificaties voor $49 per boek werden verkocht, kon elke fabrikant zijn eigen computer maken. De BIOS Basic Input/Output System dat componenten afzonderlijk aan stuurde hield IBM voor zichzelf. Om verdere patenten te voorkomen werd door een tweetal bedrijfen team’s gevormd die bijde een eigen BIOS onwikkelde. Op die manier konden ze de PC van IBM klonen, zonder patenten te schenden. Omdat microsoft betrokken was bij de onderhandelingen met IBM mocht hij zijn besturings systeem onder de naam MS-DOS blijven verkopen en zo was er dus ook een besurings systeem beschikbaar. De PC’s van andere merken werden toen klonen genoemt een andere aanduiding hier voor was IBM compatible. DOS werd op die manier het standaard besturings systeem. Tegenwoordig wordt MS-DOS bijna niet meer gebruikt het word alleen nog ge��muleerd in sommige windows versies. De PC werd ook steeds goedkoper en makkelijker in gebruik waardoor meer bedrijven en huishouders er een of meer kochten. Nu nog steeds
De computer voor amusement

Naast het gebruik in het bedrijfsleven werd de computer later ook gebruikt voor amusement. In 1971 kwam het computerspel Pong uit, het was de eerste echt succesvolle game. Pong stond in speelhallen, bowlingbanen, en snackbars. Pong was verpakt in een nephouten kast en had twee besturingsknoppen. Er waren twee balkjes op een televisiescherm en het doel was om het balletje met deze balkjes over te spelen.

Het spel was door zijn eenvoud meteen een enorm succes. In het eerste jaar verkocht Atari wel 8500 kasten van 1200 dollar.

(pong arcade machine) (space invaders arcade)

In 1974 kwam Pong via de beurzen naar Nederland. Ook hier was het een groot succes. Het spel sloeg ook aan omdat je het met z’n twee��n kon spelen. Het succes van Pong zorgde ervoor dat er veel Japanse en Amerikaanse klonen op de markt kwamen. Copyright maakte toen nog maar weinig uit.Later werd Pong verstoten door beter uitziende spelletjes zoals Breakout (1976) en Space Invaders (1978).

(super breakout) (dead race)

In veel van deze spelletjes moest worden geschoten en daar kwam veel kritiek op. In 1976 kwam het spel Dead Race op de markt. In dit spel moest je mensachtige gnomen doodrijden voor zoveel mogelijk punten. Ook hierop was veel kritiek en het spel werd een half jaar later verboden.

Eind jaren tachtig begonnen ouders zich zorgen te maken over of hun kinderen nog wel het verschil zagen tussen gewelddadige spelletjes en de werkelijkheid. Volgens Steven Malliet, promovendus op games aan de KU Leuven kwam dit vooral voort uit de onbekendheid met games en computers.

De opkomst van de mobiele apparaten

In 2006 werd de PDA (personal digital assistant) uitgevonden en in 2010 braken de tablets en smartphones door. Hierdoor ontstond een geheel nieuwe markt voor apps die zinvol zijn op mobiele apparatuur zoals geografische positiebepaling en navigatie. Ook hebben de smartphones van tegenwoordig een camera, een microfoon voor opdrachten en communicatiemiddelen zoals bellen en sms’en. Hierdoor is de computer voor veel dingen niet meer nodig.

Bronnen:

– https://nl.wikipedia.org/wiki/Geschiedenis_van_de_computer

– https://nl.wikipedia.org/wiki/Computer

– http://www.npogeschiedenis.nl/andere-tijden/afleveringen/2002-2003/De-PC-revolutie.html

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.