1.2.1 Doel van het competentieprofiel - Essay Marketplace

1.2.1 Doel van het competentieprofiel

Een aspirant-student van de hbo-studie Toegepaste Psychologie (TP) doorloopt een selectieprocedure waarin de mate van geschiktheid voor de opleiding wordt getoetst. Een geschikte kandidaat dient in het bezit te zijn van enkele competenties die belangrijk zijn voor eerstejaars TP studenten, omdat deze competenties verband houden met het al dan niet succesvol zijn in de studie. Het competentieprofiel biedt een overzicht van deze competenties.

1.2.2 Methodiek opstellen competentieprofiel

Voor het opstellen van de vereiste gedragscompetenties wordt gedrag tijdens kritieke incidenten beschreven. Dit wordt de Critical-Incidentmethode (CIM) genoemd. De CIM is één van de meest gebruikte methoden voor analyseren van gedrag, waarbij een ‘critial-incidentinterview’ centraal staat (Seegers, 2006). De kritieke incidenten zijn aan de hand van interviews opgesteld en ingedeeld in een kritieke incidentenmatrix (bijlage 1). De geïnterviewden zijn studenten die het eerste jaar TP succesvol (goede cijfers, of propedeuse in één jaar behaald) hebben doorlopen, maar ook afvallers en studenten die momenteel het eerste jaar volgen. In de incidentenmatrix is een overzicht van de kritieke incidenten uitgezet tegenover competenties. In het boek van Seegers (2006) worden competenties ingedeeld in competentiegebieden, er zijn immers enorm veel menselijke gedragingen mogelijk en daarom wordt hier onderscheid in gemaakt. Om een voorselectie van competenties te kunnen maken is gekeken naar de interviewresultaten, zodat het geheel overzichtelijk en meetbaar blijft. Bovendien is er gekeken of de competentiegebieden elk voldoende vertegenwoordigd zijn. Dit betekent dat er bewust niet alleen maar competenties gekozen zijn die bijvoorbeeld vallen onder het gebied ‘ondernemen’.

Door in de matrix aan te kruisen welke kritieke incidenten bij welke competenties horen is naar voren gekomen welke competenties vaker dan andere terugkomen. Uit deze resultaten kan de aspirant-student aflezen welke competenties van belang zijn en welke competenties minder van belang zijn bij de studie. De belangrijkste vereiste gedragscompetenties zijn ‘stressbestendigheid’, ‘plannen en organiseren’, ‘zelfontwikkeling’, ‘samenwerken’, ‘mondelinge communicatie’ en ‘leervermogen’. Hier volgt een beschrijving van deze competenties.

1.2.3 Stressbestendigheid

Op het gebied van persoonlijkheid is de competentie stressbestendigheid geselecteerd. Onder stressbestendigheid wordt verstaan: Effectief blijven presteren onder tijdsdruk, bij tegenslag, teleurstelling of tegenspel (Seegers, 2016). Tijdens de studie Toegepaste Psychologie krijgt de aspirant-student te maken met schriftelijke en mondelinge testafnames en deadlines voor opdrachten. Hierbij kan de aspirant-student te maken krijgen met onder andere een gevoel van spanning en tijdsdruk.

1.2.4 Leervermogen

Het competentiegebied analyse en besluitvorming bevat de competentie leervermogen. Leervermogen omvat het effectief toepassen van ideeën en nieuwe informatie (Seegers, 2006). Tijdens de studie Toegepaste Psychologie wordt een groot aanbod aan lesmateriaal aan de aspirant-student gepresenteerd, onder andere in de vorm van colleges en studieboeken. Om het aanbod goed op te kunnen nemen en te beheersen wordt een beroep gedaan op de competentie leervermogen. Daarnaast is het van belang om psychologische theorieën toe te passen en te plaatsen in context. Dit zorgt ervoor dat verbanden gelegd worden tussen theorieën en situaties.

1.2.5 Plannen en organiseren

Plannen en organiseren valt onder het competentiegebied management en leidinggeven. Onder plannen en organiseren wordt verstaan: Op effectieve wijze doelen en prioriteiten bepalen en benodigde tijd, acties en middelen aangeven om bepaalde doelen te bereiken (Seegers, 2006). De studie Toegepaste Psychologie is een pittige studie. Er wordt qua tijdsbesteding veel gevraagd van studenten. De contacturen bedragen bij deze studie ongeveer 18-24 uur per week (Hanze, 2015). Daarnaast moet de student tijd reserveren voor het voorbereiden van presentaties, het maken van huiswerk, leren van tentamens en dergelijke. Dit maakt de competentie plannen en organiseren van essentieel belang. Om goed om te kunnen gaan met de beschikbare tijd wordt verwacht dat de aspirant-student een planning kan opstellen en zijn taken kan ordenen en organiseren om zo prioriteiten te kunnen stellen. Wanneer de aspirant-student zich houdt aan een planning wordt het overzicht in kritieke situaties behouden.

1.2.6 Mondelinge communicatie

De competentie mondelinge communicatie komt in vele aspecten tot uiting tijdens de studie Toegepaste Psychologie. Onder deze competentie wordt verstaan: Ideeën en meningen aan anderen duidelijk maken, gebruikmakend van duidelijke taal, gebaren en non- verbale communicatie; taal en terminologie aanpassen aan anderen (Seegers, 2006). De aspirant-student werkt in projectgroepen, oefent gespreksvoering, interviewtechnieken en het geven van presentaties. Er wordt op zakelijke wijze samengewerkt met verschillende soorten mensen.

1.2.7 Samenwerken

De competentie samenwerken valt onder het competentiegebied communicatie. Met samenwerken wordt bedoeld: Een actieve bijdrage leveren aan een gezamenlijke resultaat of probleemoplossing, ook wanneer de samenwerking een onderwerp betreft dat niet direct van persoonlijk belang is (Seegers, 2006). Tijdens het werken in projectgroepen hebben projectleden vaak uiteenlopende meningen. De aspirant-student heeft een zekere mate van aanpassingsvermogen nodig, zeker wanneer een kritieke situatie zich voordoet, zodat deze meningen op objectieve wijze geïnterpreteerd kunnen worden en er samen toegewerkt wordt naar een kwalitatief goed eindproduct.

1.2.8 Zelfontwikkeling

Het competentiegebied motivatie bevat de competentie zelfontwikkeling. Zelfontwikkeling omvat inzicht hebben in eigen sterktes en zwaktes: op basis hiervan acties ondernemen om eigen kennis, vaardigheden en competenties te vergroten of te verbeteren en zodoende beter te presteren (Seegers, 2006). Van de aspirant-student wordt een professionele en zakelijke houding verwacht. Gedurende het jaar is ontwikkeling van zelfkennis vereist. Docenten en medestudenten geven vaak opbouwende feedback waarbij het belangrijk is dat de aspirant-student hiervoor openstaat. Het herkennen en ontvangen van feedback leidt tot zelfreflectie, wat de aspirant-student kan gebruiken om dit toe te passen tijdens de studie. Naast zelfreflectie wordt van de aspirant-student verwacht dat de colleges en lesmateriaal actief opgenomen en verwerkt worden voor een positieve bijdrage aan de zelfontwikkeling.

Review this essay:

Name
Rating
Your review: (optional)

Latest reviews:

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.