Essay: Europese uitspraken

Essay details:

  • Subject area(s): Dutch essays
  • Reading time: 4 minutes
  • Price: Free download
  • Published on: June 26, 2019
  • File format: Text
  • Number of pages: 2
  • Europese uitspraken
    0.0 rating based on 12,345 ratings
    Overall rating: 0 out of 5 based on 0 reviews.

Text preview of this essay:

This page of the essay has 1128 words. Download the full version above.

Europees hof voor de rechten van de mens 20 januari 2011, NJ 2012/647.

Haas een 57-jarige man die al 20 jaar lijdt aan manische depressiviteit. Met twee mislukte zelfmoordpogingen probeert hij via verschillende psychiaters een middel te krijgen om zijn leven op een waardige manier te eindigen, maar ok deze poging mislukt. Na het benaderen van federale en kantonale gezondheidszorgautoriteiten die zijn verzoeken afwijzen, wordt ook zijn beroep bij de Federale Hof afgewezen, zij stellen dat er onderscheid moet gemaakt worden tussen het recht om over eigen leven te beslissen en de hulp van de staat of een derde. Na deze afwijzing klaagt hij in mei 2007 170 psychiaters aan voor het weigeren van zijn verzoek en op 18 juli 2008 dient Haas een klacht in bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

De rechtsvraag die in deze zaak dient te beantwoorden is of er op grond van artikel 8 EVRM een grondslag bestaat om aan burgers de mogelijkheid te geven om hun leven op een eerbiedige en pijnloze wijze te eindigen. Het Hof stelde dat er geen schending was van het bovengenoemde wetsartikel. Verder werd bepaalt dat lidstaten zelf de vormgeving van hun wetten kunnen bepalen. Ook als er hierdoor eisen ontstaan voor de toetsing van euthanasie zoals het geval bij Haas.

Trefwoorden: schending, EVRM, euthanasie

Europees hof voor de rechten van de mens 14 mei 2013, NJB 2013/1778.

Mevrouw Gross, EU-burger van de lidstaat Zwitserland, heeft al geruime tijd last van haar conditie wat resulteert in de beperking van lichamelijke en geestelijke functiezwakte. Na een mislukte zelfmoordpoging in 2005 wordt ze opgenomen in een psychiatrische ziekenhuis. Haar wens om te sterven verandert niet en dient een verzoek om het medicijn pentobarbitalnatrium te krijgen in bij haar behandelend psychiater, die wijst haar verzoek af omdat hij het ethisch niet verantwoord vindt om als haar behandeld psychiater hulp tot zelfdoding te verlenen. De drie andere psychiaters wijzen ook haar verzoek af. Nadat haar verzoek bij de Gezondheidsraad van de kanton Zürich niet slaagt gaat zij in beroep bij de bestuursrechter, maar zonder succes komt ook hier geen positief antwoord voor haar. Ook de federale rechter geeft haar niet het antwoord wat ze graag wilt en zij dient een klacht in bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens en klaagt de staat van Zwitserland aan voor de schending van het artikel 8 van het EVRM.

De rechtsvraag in deze zaak is of de Zwitserse staat heeft nagelaten om richtlijnen op te stellen die bepalen in welke omstandigheden artsen dodelijke medicatie mogen voorschrijven. Artsen missen hierdoor richtlijnen tot het voorschrijven van dergelijke medicatie. Het Hof achtte een schending van artikel 8 van het EVRM omdat het Zwitserse nationale recht de mogelijkheid bood om dodelijke medicatie voor te schrijven en het recht om te leven en sterven van mevrouw Gross ook is geschonden.

Trefwoorden: euthanasie, medicatie, weigering

Nederlandse uitspraken

Hoge Raad 9 november 2004, ECLI:NL:HR:2004:AP1493, NJ 2005/217

In deze zaak gaat het om een actief levende comatuese patiënte met een zeer korte levensverwachting beëindigd. Haar arts heeft haar leven beëindigd en beroept zich op noodtoestand. De patiënte heeft daartoe geen verzoek gedaan. We kunnen concluderen dat er in deze omstandigheden geen sprake is van euthanasie of hulp bij zelfdoding zoaals bedoeld in artikel 293 Strafrecht. Er kan sprake zijn van een noodtoestand van een arts indien zich zeer dringende, de toestand van de patiënt betreffende, omstandigheden voordoen die meebrengen dat de arts kom te staan voor de noodzaak te kiezen uit onderling strijdige plichten. Het Hof oordeelde dat de uitzichtloze situatie en de grote mate van ontluistering van de patiënte in dit geval geen zeer dringende omstandigheden opleveren, geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk.

De rechtsvraag luidt als volgt: ‘is er aan de zorgvuldigheidseisen zoals gesteld in artikel 2 WTL voldaan?’ Er is geen sprake van een vrijwillig en weloverwogen verzoek. Door de coma kon patiënte niet aangeven of zij aan het lijden was. Het staat wel vast dat situatie uitzichtloos was. De arts heeft openstaande opties niet voldoende afgewogen. Er is geen tweede advies van een onafhankelijke arts. Er is geen sprake van informatiewisseling plaatsgevonden tussen de arts en dochters van patiënte. Medicatie was twee jaar geleden al over tijd en het was een medicijn die arts toevallig bij zich had. Van een medisch zorgvuldige uitvoering is geen sprake. Door de genoemde feiten en omstandigheden verwerpt het Hof het beroep op overmacht in noodtoestand.

Trefwoorden: levensbeëindiging, wilsverklaring, noodzakelijkheid

Hoge Raad 24 december 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE877, NJ 2003, 167

In deze zaak betreft het een huisarts die wordt veroordeeld voor het behulpzaam zijn bij een zelfdoding. De patiënt leed aan somberheid en had een doodswens. De term depressie zou hier te zwaar wegen. De arts heeft overlegd twee artsen en de patiënt. Vervolgens heeft de arts besloten om een letale dosis medicatie voor te schrijven. Patiënt is hierdoor te komen overlijden.

De rechtsvraag is in casu is: kan een arts, die euthanasie uitvoert, zich beroepen op overmacht in de zin van noodtoestand als er sprake is van afwezigheid van medisch geclassificeerde somatische of psychische ziektes of aandoeningen. De arts bevindt zich in een dilemma: zich houden aan de wettelijke plichten en als goed hulpverlener een patiënt uit zijn lijden te verlossen. De arts moest zoeken naar alternatieven om het lijden draaglijker te maken. De arts heeft in een te vroeg stadium dodelijke medicatie voorgeschreven. Van noodtoestand in de vorm van een conflict van plichten was op dat moment evenwel geen sprake, zodat het beroep op overmacht moet worden verworpen.

Trefwoorden: hulp bij zelfdoding, overmacht, noodtoestand, medicatie

Hoge Raad 30 november 1999, ECLI:NL:HR:1999:AA3796, NJ 2000/216.

In casu gaat het om een arts die tot actieve levensbeëindiging is overgaan bij een patiënt en een hieromtrent een valse verklaring heeft afgelegd, waarin wordt aangegeven dat patiënt een natuurlijke dood heeft gehad. De patiënt heeft meerdere malen gevraagd om een ‘spuitje’. Door het onverwachte verzoek had de arts geen besef over de ernst van de belangen, namelijk een duidelijke doodswens. Na het toedienen van de pijnbestrijding zakte de patiënt enkele keren weg en stopte zijn ademhaling. Na enkele minuten kwam deze echter weer op gang. De arts vreesde voor een nieuwe pijnaanval en is op verzoek van familie van de patiënt overgegaan op actieve levensbeëindiging.

De vraag of er sprake is van overmacht in de zin van noodtoestand, zal het Hof positief beantwoorden. Voor het ten laste gelegde feit dat de arts als geneeskundige opzettelijk een valse verklaring afgegeven nopens een oorzaak van overlijden, wordt de arts veroordeeld tot een geldboete van vijfduizend euro.

Trefwoorden: onjuiste verklaring doodsoorzaak, arts, boete, WTL

About Essay Marketplace

Essay Marketplace is a library of essays for your personal use as examples to help you write better work.

...(download the rest of the essay above)

About this essay:

This essay was submitted to us by a student in order to help you with your studies.

If you use part of this page in your own work, you need to provide a citation, as follows:

Essay Marketplace, Europese uitspraken. Available from:<https://www.essaymarketplace.com/dutch-essays/europese-uitspraken/> [Accessed 10-07-20].

Review this essay:

Please note that the above text is only a preview of this essay.

Name
Email
Review Title
Rating
Review Content

Latest reviews:

Leave a Comment

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.