Essay: Hoe wordt social media gebruikt voor politieke doeleinden? - Essay Marketplace

Essay: Hoe wordt social media gebruikt voor politieke doeleinden?

Inhoudsopgave

Planning

Inleiding

1. De doorbraak van social media
1.1 Ontstaan van social media.
1.2 De populariteit en gebruik van social media.
1.3 Vormen van social media platforms.

2. Hoe kan er in de politiek worden omgegaan met de voor- en nadelen van social media?
2.1 Voordelen van social media.
2.2 Nadelen social media.
2.3 Hoe kan hiermee om worden gegaan?

3. Hoe wordt social media gebruikt voor politieke doeleinden?
3.1 Bijdrage social media aan politieke doeleinden.
3.2 Politieke strategie.
3.3 Informeren van burgers.
3.4 Politieke doeleinden burgers

4. Wat is de invloed van social media op bestuur en politiek?
4.1 Social media gebruik gedurende verkiezingen
4.2 Internationale social media invloeden

5. Wanneer wordt een onderwerp geagendeerd?

6. Diepte-interview

7. Conclusie

8. Bijlagen

9. Bronnen

Inleiding
Sinds 2010 ben ik een lid op Facebook en sinds 2009 een lid op YouTube. Hoewel ik toen niet dagelijks mijn nieuwsoverzicht bekeek vond ik het leuk om regelmatig een kijkje te nemen. Dit is nu in 2014 sterk veranderd. Er gaat nog geen twee uur voorbij zonder verschillende social media kanalen te checken. Ik ben hier niet de enige in want tegenwoordig zijn we erg gehecht aan alle media.
De onderzoeken naar social media schieten als paddestoelen uit de grond. Social media zou namelijk niet zo sociaal zijn als gedacht. Het zou de reden zijn van de toename zittenblijvers ??n het zou bijdragen aan een hoop onwaarheden die de wereld in worden geholpen. Nochtans heeft het een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkelingen op allerlei gebieden mondiaal. Het laatste nieuws krijg je sneller te lezen op het Internet. Wachten op het acht uur voor jouw dagelijkse dosis algemene kennis is voorbij.
Maar, niet alleen de doorsnee man maakt veelvoudig gebruik ervan, ook de traditionele journalistiek. Met de harde groei van social media de afgelopen jaren waar men sneller toegang heeft tot het nieuws en nieuwsberichten zich sneller verspreiden dan ooit is het een uitdaging geworden voor journalisten om hun berichten te verspreiden onder zoveel mogelijk mensen. Het spreekt voor zich dat door deze media de manier van werken is veranderd.
Mijn interesse in de journalistiek is groot evenals mijn interesse in social media. Na een onderzoek van ING over de invloed van social media op de journalistiek [hieronder verstaan zij buiten de traditionele nieuwsjournalist ook bloggers etc.] was ik tamelijk verbaasd door de resultaten . Hieruit bleek namelijk dat het overgrote deel niet meer kon zonder gebruik van social media. En dat ruim de helft social media gebruikte als enige informatiebron. Of deze betrouwbaar is of niet wordt er weleens gecheckt maar de betrouwbaarheid is niet het grootste belang wat zij hebben. Het onderzoek dient als een bewustwording van het veelvoudige gebruik van social media. Voor veel journalisten en nieuwszenders is het zo goed als onwerkelijk om een nieuwsbericht tot stand te brengen zonder gebruik van verschillende kanalen.
Deze toegankelijkheid van social media is niet alleen een doorbraak voor de normale man, het schijnt voor een politici een nieuwe medium te zijn om kiezers te trekken en invloed uit te oefenen op de Tweede Kamer. Voor hen zijn er nog nooit zo veel mogelijkheden geweest om hun boodschap te verspreiden. Volgens sommigen kunnen deze media de band van burgers met de overheid en de politiek versterken en burgers activeren om maatschappelijke vraagstukken op te pakken.
Verscheidene politici zien platforms als h??t tovermiddel om de kloof te dichten tussen de politiek en burger. Voornamelijk Twitter is populair onder politici waaronder Barack Obama. Tevens wordt Obama gezien als het toonbeeld van social media als machtig middel om dichterbij de burger te komen.
Het schijnt dat Obama zijn winnaarschap in 2008 te danken heeft aan social media. Hij mobiliseerde via de sociale media honderdduizenden burger om campagne te voeren. Zo schakelde hij e-mail in tijdens een verkiezingscampagne. Er werden donaties gevraagd en de familie van de politici werd ingezet om hun achterban hiervoor over de streep te trekken.

Twitter en YouTube werden ingezet om de achterban zo goed mogelijk te informeren door Obama en zijn campagneteam. Opmerkelijk is dat niet de media als eerst de nieuwe ontwikkelingen te horen kreeg, maar zijn volgers en abonnees. Dit resulteerde tot verbondenheid tussen Barack en zijn volgers op het web wat op zijn weer leidde tot meer donaties. Inmiddels is elke politicus die zich zelf serieus neemt op zijn minst actief is op Twitter. En Obama? De 2 miljoen volgers die hij op Twitter had in 2008 heeft plaats gemaakt voor een luttele 21 miljoen volgers. Velen beweren dan ook, nadat hij de verkiezingen won, dat sociale media een belangrijke bijdrage hebben geleverd. Uiteraard staat dit niet vast, maar het is onbetwistbaar dat de sociale media zorgen voor een kleinere afstand tussen polici en burgers.
Andere bekende voorbeelden uit het binnen- en buitenland die aantonen dat social media steeds belangrijker worden: de volksopstanden in Libi?? en Egypte in 2011, burgers die samenwerken en meehelpen met het bouwen van wijken in Smallingerland en het protest tegen de vastgestelde 1040- uren norm op middelbare scholen.
Een veelvoudige manier om de invloed van media vast te stellen is te kijken naar politieke agendasetting. Het basisidee is simpel: als media veel bericht over een bepaald onderwerp, dan zal er ook meer gedebatteerd worden over dit onderwerp door politici. Daarbij wordt de veronderstelling dat de invloed op Kamervragen door de media groter is dan op werkelijke wetgeving niet uitgesloten.
Het is erg interessant om te zien hoe de social media binnendringt in het politieke milieu. Columns, artikels, tweets en standpunten van velerlei politici verschijnen tegenwoordig ook voor mij, de doorsnee burger. Vaak zijn deze posts z?? uitgewerkt dat veel mensen zich herkennen in deze politicus. Aan de hand van dit onderzoek wil ik eindigen bij het antwoord op mijn onderzoeksvraag ‘Slagen politici erin onderwerpen te agenderen via social media’?. Dit zal ik bereiken door middel van het beantwoorden van mijn opgestelde deelvragen. Deze vragen luiden als volgt :
o Hoe is de doorbraak van social media tot stand gekomen?
o Wat zijn de voor- en nadelen van de sociale media en hoe kan er in de politiek het best mee worden omgaan?
o Hoe gebruiken partijen/ politici sociale media voor hun politieke doeleinden?
o Hoe zit het met het parlement en haar social media gebruik
o Wat is de invloed van de opkomst social media op de lokale politiek in Den Haag?
o Wanneer wordt een onderwerp geagendeerd?

De doorbraak van social media
Inleiding
Alvorens we praten over social media en haar intrede in de huidige maatschappij is het van belang wat er verstaan wordt onder social media.

”Websites and applications that enable users to create and share content or to participate insocial networking ‘ .

Elk medium dat bijdraagt aan het overdragen van informatie tussen verschillende partijen valt onder social media. Het is niet meer weg te denken uit onze maatschappij. Tegen beter weten in is sociale media wel meer dan Google+, MySpace en facebook. In feite is het iets dat al 40 jaar bestaat. Sinds de introductie van het internet in de jaren 60 is een maatschappij gebaseerd op technologie niet weg te denken op het straatbeeld. De geschiedenis van internet loopt in parallel met de geschiedenis van social media. Hoe heeft het zo ver kunnen komen?
Ontstaan social media
Het begin van het internet was in 29 oktober 1969 als een project van het Ministerie van Defensie van de Verenigde Staten. Het diende als een gedecentraliseerd netwerk dat in werking bleef mochten bepaalde delen plat liggen. Ten tijde van de Koude oorlog was er een sterke behoefte aan een gelijknamig netwerk. Computers werden als in een web met elkaar verbonden in een project genaamd Advanced Research Projects Agency Network. Het was een betrouwbaar communicatie netwerk voor het defensie apparaat en daarbij ook nog veilig.
Al snel werd het Internet in rap tempo ge??pdate met allerlei technologische hoogstandjes. Zo werd de Internet Protocol, IP, uitgevonden in om wereldwijd netwerk gebruik eenvoudig te maken. De IP maakte het mogelijk om de elektronische berichten op een bepaalde manier in te pakken, adresseren en versturen. Dit standaard protocol werd Transmission Control Protocol/ Internet Protocol, TC/IP, genoemd en werd ontwikkeld in 1977. Dit maakte het op zijn beurt weer mogelijk om diverse branches van verscheidene complexe netwerken te verbinden aan ARPANET. Dit nieuwe ge??ntroduceerde geheel van netwerken werd al gauw het Internet genoemd. Al redelijk werd dit netwerk vlot gebruikt door onderzoekers en wetenschappers. Mensen uit allerlei branches maakten gebruik van dit netwerk.

Rond 1984 werd Internet gebruikt op de manier die wij kennen. Men beschikte over een netwerk waar iedereen vrij toegang tot had. Echter, het proces waarin het internet aan mensen toebehoorde duurde langer. De eerste Nederlander kreeg toegang tot het Internet in 1988. De eerste internetprovider die werd aangeboden was in 1993 door XS4ALL.

Na 2000 is het gebruik enorm sterk gestegen. Ondanks heuse verliezen die internetbedrijven hebben geleden in 2001 bleef het aantal gebruikers groeien. In 2000 hadden circa 360 miljoen mensen toegang tot het Internet. Inmiddels word geschat dat eind 2014 wereldwijd 3 miljard mensen op het Internet zitten .

De basis van de social media kanalen op de manier waarop wij het vandaag de dag kennen werd gelegd in 2002 met Friendster, een voorloper van Hyves. Leden van Friendster kunnen ongeveer hetzelfde doen als Hyves leden. Schrijven van blogs, muziek luisteren, onderhouden van contacten en meer. Het was in Azi?? zeer geliefd: meer dan 90% van de Friendster leden komen uit Indonesi??, Zuid-Korea en Maleisi??. Het was veel groter dan Hyves met haar 115 miljoen geregistreerde leden.
Desalniettemin was het concept van een base waar je verbonden kunt zijn met anderen en een persoonlijke profiel al 10 jaar oud. De behoefte naar verbondenheid steeg. Men wou in touch blijven.
De eerste professionele sociale netwerk werd gelanceerd in 2003. LinkedIn ontstond om men in contact te laten komen met andere professionals, onderhouden van belangrijke connecties en voor vooruitgang op de arbeidsmarkt. Dat was tevens het jaar van de nieuwe versie van MySpace die begon als een site waar men gratis bestanden kon bewaren en groeide uit tot een medium waar het mogelijk was om een persoonlijke lay-out te ontwerpen, een eigen profiel maken en dit vervolgens delen met de wereld.

Hyves is een grote bekende bij menigeen inwoner van Nederland. Het wordt ervaren als het eerste sociaal netwerk dat insloeg bij veel mensen. Tegenwoordig is Hyves gestopt als sociaal netwerk, maar het kent een onstuimige geschiedenis. In de periode van 2004-2010 was Hyves h??t netwerk van Nederland. Het begint allemaal met http://www.smartphones.com waar men favoriete websites, muziek en foto’s kon uitwisselen. De site bestaat niet lang want in september wordt de naam gedoopt tot http://www.hyves.nl. Weliswaar liep het niet meteen storm maar juist die stilte kan beschouwd worden als stilte voor de storm. Het duurt 5 jaar voordat de site zich naar een hoogtepunt toewerkt maar in 2009 is het zover; de site heeft zo een 8 miljoen gebruikers. De website wordt enorm populair in Nederland. Bedrijven worden massaal lid om zo hun doelgroep te dienen. Lange tijd gaat het goed met Hyves maar langzaam maar zeker maakt Facebook zijn intrede in Nederland. Het wordt steeds verleidelijker om over te stappen op het Amerikaans netwerk dat internationaal is. De populariteit van Hyves keldert en in oktober 2011 wordt het duidelijk dat Facebook veel populairder is dan Hyves. Het Amerikaanse sociaal netwerk wint de strijd. Het NRC stelt de goede vergelijking ‘Hyves- van druk virtueel speelhal tot lege speelhal’

In 2004 richtte onder andere Mark Zuckerberg een van de meest invloedrijke sociale kanalen op. Harvard studenten konden samen op http://www.thefacebook.com in contact komen en konden zij elkaar berichten sturen. Volgens Zuckerberg was de behoefte groot naar een platform waar aantekeningen gedeeld konden worden evenals gegevens. Na het succes van Thefacebook werd het concept overgenomen door andere universiteiten in de Verenigde Staten. In Juni 2004 werd het officieel een bedrijf waarna het zich vestigde in California. De naam veranderde in Facebook en de ontwikkeling van Facebook groeide alsmaar verder. Vanaf 2006 werd het mogelijk voor iedereen boven de 13 jaar om lid te worden van Facebook. Het bedrijf kent nu meer dan ‘?n miljard gebruikers ??n is daarbij eigenaar van andere sociale netwerksites waaronder Instagram.

Een ander groot succes op het gebied van social media werd opgericht in 2005. YouTube maakte mogelijk om je eigen gemaakte filmpjes online te zetten en te delen met de rest van de wereld.
Per maand zouden er meer dan ‘?n biljoen gebruikers zijn die samen wel meer dan 6 miljoen filmpjes bekijken. Dagelijks wordt het meer dan 4 miljard keer bezocht. En elke minuut wordt er 48 uur aan videomateriaal ge??pload.

Het idee achter YouTube komt van twee vrienden: Chad Hurley en Steve Chen. Na een etentje met vrienden liepen de twee tegen problemen op bij het delen van videobeelden. Direct ontstond het idee van YouTube; het oprichten van een site waar mensen gemakkelijk videobeelden konden posten en delen met elkaar. Het gebruiksgemak stond centraal bij de oprichting. In 2010 werd het verkocht aan Google en blijft zich ontwikkelen. Het is de laatste jaren ook steeds een belangrijkere speler geworden op het gebied van actualiteit. Dat is de reden waarom het kanaal niet overal ter wereld beschikbaar is. China, Turkije, Marokko, Pakistan en Thailand hebben de site (tijdelijk) geblokkeerd vanuit politieke overwegingen. Hetzelfde geldt voor Iran die de revolutie de kop in drukte maar er toch video’s verschenen met schokkende beelden van vechtende demonstranten. Ook voor Iran was een blokkering van YouTube de uitweg.

Twitter ontstond ‘?n jaar later, in 2006. Jack Dorsey had een idee voor ogen waarbij gebruikers via het web korte berichten naar elkaar kunnen sturen, Op dat gebied zou er een gat in de markt zijn. Tijdens een brainstormsessie in 2006 presenteerde Dorsey zijn plannen aan de directie van Odeo waarna zij hier direct mee aan de slag gingen.
Twitter werd een gratis internetdienst waarmee gebruikers korte berichten kunnen publiceren van maximaal 140 tekens. Het is een sociaalnetwerksite die de kans biedt om mensen te leren kennen, op mensen reageren en het volgen van mensen. Het duurt een jaar voordat de populariteit van Twitter een enorme vlucht neemt. Trendsetter en bloggers Twitter gaven werkelijk waar een ware impuls aan Twitter gezien het voorheen gezien werd als een platform van nerds. Tegenwoordig kunnen wij ons bijna geen wereld meer voorstellen zonder Twitter. Het aantal gebruikers groeit nog steeds flink: dagelijks worden er zo een driehonderdduizend Twitteraars verwelkomd.

Het jaar 2007 was het jaar waarin Tumblr werd gelanceerd. De invloeden van Tumblr zijn weliswaar niet dagelijks te vinden toch maakte het zeer gemakkelijk voor men om te bloggen. De ontwikkeling ging erg snel gezien de site na twee weken al 75.000 geregistreerde gebruikers had. De eigenaar, David Karp, wou graag een online dienst waar gebruikers op eenvoudige wijzen verschillende dingen met elkaar kunnen delen. Hieronder vallen filmpjes, foto’s, inspirerende quotes en schrijfsels. Het sociale gedeelte van Tumblr zit hem in de toevoeging van een ‘volg’ functie waarbij je andere bloggers kunt volgen en een ‘reblog’ functie waarbij je posts van andere bloggers kunt reposten.

Spotify dat is opgericht in 2008 is op het eerste gezicht geen social media site. Echter, het valt wel onder social sharing met het oog op de optie om muziek te kunnen delen met iedereen is het onwijs populair geworden. Wereldwijd hebben miljoenen mensen een abonnement afgesloten om onbeperkt gebruik te kunnen maken van de diensten die Spotify aanbiedt.

Een recente aanwinst op het gebied van social media is Instagram. In maart 2010 richtten Kevin Systrom en Mike Kreiger de applicatie op die aanvankelijk alleen geschikt was voor iPod, iPhone en de iPad. Inmiddels kunnen ook Android gebruikers gebruik maken van de app. Systrom had een platform voor ogen waar mensen gemakkelijk bij machte zijn foto’s te bewerken en te delen op het Internet.
Het is een design speciaal voor smartphones waarmee er fotos gemaakt kunnen worden, bewerkt met filters en kleuraanpassingen en vervolgens gedeeld met andere gebruikers, maar ook op Facebook en Twitter. De rest van de uitwerkingen zijn geschiedenis. Binnen een mum van tijd groeide het tot een van de machtigste social media kanalen. Opvallend aan de populariteit van Instagram is dat het binnen 9 maanden wel ‘?n miljoen gebruikers wist te werven. Diensten als Twitter en Facebook hebben dit niet weten te realiseren in de 9 maanden dat zij online stonden. De applicatie onderscheidt zich doordat het al haar diensten gratis aanbiedt zonder een betaalde plus versie te hebben.
Maandelijks kent de app meer dan 130 miljoen gebruikers, is het meer dan 100 miljoen keer gedownload en worden er dagelijks 45 miljoen foto’s ge??pload.

De oprichting van deze applicaties lijkt wel een startsein voor ontwikkelaars. Sites als Pinterest waarbij je je eigen pagina kunt cre??ren, Vine waarbij je filmpjes kunt uploaden van maximaal zeven seconden blijven de grond uit schieten. Ook Snapchat waarbij er foto’s uitgewisseld kunnen worden in een tijdsbestek van 10 seconden boekt vooruitgang wereldwijd.
In vergelijking met 40 jaar geleden zie je hoe de mind-set van mensen is veranderd evenals de technieken. De toekomst wordt nog ruim ingeschat met de opkomende technieken.
De populariteit en het gebruik van social media.
In Nederland kennen wij een technologische maatschappij waarbij het overgrote deel boven de 12 jaar gebruik maakt van Internet. 2012 is het jaar waar 90% van de Nederlanders ouder dan 12 jaar gebruikt maakt van het Internet. Van deze 90% maakt 70% ook nog gebruik van social media. Vooral Facebook en Twitter. 35 procent is wel eens te vinden op chatsites en ruim 20 procent maakt gebruik van professionele sites zoals LinkedIn . Cijfers tonen bovendien aan dat Nederland koploper is bij het gebruik van social media in de Europese Unie. Hoe heeft het zo ver kunnen komen dat een maatschappij zonder social media onvoorstelbaar is geworden?
De populariteit kan worden verklaard vanuit diverse perspectieven. Een theorie die veelal wordt aangehangen komt van de Harvard University. In ‘Disclosing information about the self is intrinsically wrong’ wordt er onderzocht naar het verlangen om persoonlijke gedachten openbaar te maken. De centrale hoofdvraag die gebruikt werd is waarom social media zo een succes is en waarom het verslavend kan zijn . De conclusie is eenvoudig, namelijk dat het delen van informatie bezorg mensen plezier en een gelukkig makend gevoel. Na een reeks experimenten zijn de onderzoekers tot de conclusie gekomen dat het vrijgeven van informatie over ons zelf (via social media onder andere) dezelfde kant van de hersens activeert die wordt geassocieerd met de sensatie van het genot dat wij beleven bij het eten van voedsel, het verdienen van geld en wanneer wij seks hebben.
Hoewel een statusupdate ons niet dezelfde hoeveelheid genot offert als het beleven van seks toont de wetenschap in dit onderzoek dat ons brein de zelfonthulling beschouwt als een gunstige ervaring. In de experimenten hebben de Harvard onderzoekers stelden een serie vragen over hun en andermans mening terwijl zij verbonden waren aan een MRI machine.
De researchers vonden uit dat het deel van de hersens dat wordt geassocieerd met belonen en vruchtbaarheid werd sterk ingeschakeld als men over zichzelf praat en minder ingeschakeld wanneer men over anderen.
Een ander experiment dat is uitgevoerd toont aan dat er meer activiteit plaatsvond in het gedeelte van de hersenen, dat verbonden is aan vruchtbaarheid bij het delen van persoonlijke gedachten met vrienden of familieleden. De activiteit daalde wanneer hen verteld werd dat zij hun gedachten priv?? moesten houden.
Social media gebruik kan derhalve worden verklaard met de resultaten van het onderzoek. Het delen van foto’s bezorgt men een soort geluk evenals het posten van statussen op Facebook. Persoonlijke tweets en Facebook statussen dragen bij aan een plezierig gevoel en waardering.
We zijn blij met onszelf en vooral met het delen van informatie. Hoe meer vrienden en volgers, des te groter de kans op een respons op datgene wat we te melden hebben.
Uit diverse enqu??tes en onderzoeken blijkt juist dat de voornaamste reden voor social media gebruik ‘in contact zijn’ is. Men wil tegenwoordig eenmaal in contact zijn met elkaar. Het onderhouden van contacten is een eeuwenoud traject. De idee??n van intergebruikers verschillen hier niet veel van. De connecties behouden met familieleden en vrienden is de primaire reden voor gebruik van social media. Daarbij wil een groot deel door middel van deze sites oude contacten terug vinden. Het is gemakkelijk om via sociale media om op de hoogte geworden te houden van nieuwtjes van familie, kennissen en vrienden. Het maakt het tevens eenvoudig om ook contact te houden met mensen die je niet levende lijve tegenkomt.
Andere reden voor gebruik van social media is het volgen van actualiteiten. Sites als Twitter en Facebook zijn sneller met het verspreiden dan nieuws dan kranten zijn heden ten dage. Door de opkomst van sociale netwerken is de snelheid van nieuwsverspreiding hoger, bereik groter en zijn journalisten meer en sneller gaan publiceren. Journalisten stellen dat nieuws vandaag de dag vaak als eerst verschijnt op social media. Berichten die vaak de krant niet kunnen halen door de lengte worden wel de wereld in gehoplen doordat journalisten meer berichten online publiceren.

Bijkomend tekent zich af dat mensen gebruik maken van social media om de volgende punten.
‘ Spelletjes spelen
‘ Carri??re bevorderen en/of opdrachten binnenhalen
‘ Informatie over merken, producten en diensten ontdekken en delen
‘ Beroemdheden volgen
‘ Kortingsbonnen en coupons ontvangen
‘ Samenwerken met collega’s
‘ Mensen helpen.

Onderhand is welnu waarneembaar welke sites het populairst zijn in Nederland en hoeveel gebruikers sociale kanalen kennen. In de ontwikkeling van de cijfers lijken twee trends zichtbaar. Allereerst is het gebruik van de grote sociale media gestabiliseerd.
Daarbij is er spraken van versplintering: men gebruikt social media steeds meer tegelijk, die op hun beurt elk in een bepaalde behoefte voorzien. Maar welke sociale netwerken zijn het meest vooraanstaand in Nederland?
Er is aangetoond dat negen op de tien Nederlanders gebruik maakt van sociale media.Het social media onderzoek toont aan dat meer vrouwen zich bedienen van social media dan mannen. Van de Nederlandse socialmedia gebruikers is 53 procent vrouw en 47 procent man.
In Nederland is Facebook , net als in de rest van de wereld, het meest gebruikte social medium. Op de voet wordt Facebook gevolgd door Twitter.
Hoewel er signalen de wereld in worden gezonden over minder gebruik van Facebook blijkt niets minder waar te zijn. Een luttele 8,9 miljoen Nederlanders boven de 15 jaar maken gebruik van Facebook.
Dit is een stijging van 13 procent ten opzichte van 2013 , waar nog 7,9 miljoen mensen lid waren van de online dienst. Dit is het resultaat van het Nationale Social Media Onderzoek 2014 van onderzoeksbureau Newcom Research& Consultancy.
Twitter kent in tegenstelling tot Facebook geen groei. Sterker nog, er is sprake van een forse daling van het aantal Twitter gebruikers.

Het dagelijkse gebruik van de site is gedaald met 6 procent. Het aantal Nederlanders dat aangeeft gebruik te maken van Twitter is wel gestegen: in 2014 zijn dit 3,5 miljoen Nederlanders terwijl dit in 2013 nog 3,3 miljoen waren.
Andere gedeelten van de resultaten die voortkomen uit het onderzoek zijn te vinden in de bijlagen .
Vormen van social media platforms
Social media kennen behalve de eerdergenoemde sites ook andere platforms. Je kunt deze indelen in 5 soorten social media sites. Eerder heb ik social media kanalen genoemd als Facebook en Hyves. Dit soort sites worden ingedeeld in de categorie ‘Algemene sociale sites’. De benamingen voor deze kanalen vari??ren van netwerk-kanalen tot generieke platformen. Deze zogeheten netwerk-kanalen hebben als voornaamste doel om je te verbinden met familie, vrienden, zakenrelaties et cetera.
De belangrijkste functies zijn het aanmaken van een profiel, het toevoegen van vrienden en het delen van informatie. Overigens is het d?? marktleider bij de massa.
Tegenwoordig zijn weblogs erg upcoming en invloedrijk. Blogs zijn oorspronkelijk ontstaan als online dagboeken waarbij persoonlijke gedachten en belevenissen van de schrijver gedeeld worden. Nu wordt dit niet perse op deze manier gebruikt maar wordt het ook op zakelijk vlak gebruikt. Kenmerkend voor dit type netwerk is dat het geschreven wordt door ‘?n persoon die tevens de eindredacteur is. Het is erg duidelijk dat schrijvers van blogs vaak geen blad voor het mond nemen en hun volledige ongezouten meningen delen. De belangrijkste functie is het delen van informatie en interactie met bezoekers door middel van de reactiemogelijkheden.
We kunnen social media ook onderverdelen in fora waar allerlei publieke discussies zich afspelen. Bezoekers wordt de mogelijkheid aangeboden om onderwerpen aan te dragen en te reageren op onderwerpen van anderen.
De leden van deze social communities zijn aan elkaar gebonden door een gedeelde interesse. Om deel uit te kunnen maken van deze community kunnen bezoekers zich registeren om een profiel van zichzelf aan te maken. Deze bezoekers kunnen vervolgens met andere gebruikers netwerken en gebruik maken van bepaalde opties die zijn toegespitst op het onderwerp van de website.
Personen die veel actief zijn op fora gebruiken het vaak als een verlengstuk van hun passie of hobby. Deze communities zijn daardoor vaak intensief in gebruik maar qua omvang kleiner dan sociale netwerken.
Een vorm van social media die vrij onderschat word is ‘social gaming’. De game industrie is wereldwijd erg groot en heeft een grote community opgericht. Social gaming kan worden gezien als spelenderwijze interactie . Samenwerken is hierbij erg belangrijk evenals het sociaal opstellen gezien veel games multiplayer gericht zijn. Social media analysators wegen social gaming vaak niet mee ondanks de sociale aspecten die zo goed als voldoen aan de eisen om te behoren tot social media.
Hoe kan er in de politiek het best worden omgegaan met de voor-en nadelen van social media?
Inleiding
Onlangs vonden de Tweede Kamerverkiezingen plaats in het land. Meer dan ooit hebben de kandidaat-Kamerleden hun boodschappen verspreidt via de sociale media. Middelerwijl vind je weinig van hen die niet actief zijn op Facebook of Twitter. Dit neemt echter niet weg dat social media alleen voordelen kent. Er schuilen bij social media ontzettend veel voordelen evenals nadelen. De grote hoeveelheid activiteit op social media is er niet voor niets. Het biedt vele mogelijkheden. De communicatielijnen worden zo steeds directer en sneller. Je zou hierdoor verwachten dat deze media d?? media zijn die politici moeten inzetten tijdens hun campagnes. Hoewel het de afgelopen tijd makkelijker heeft gemaakt om te communiceren met mensen over de hele wereld en op de hoogte te blijven van ontwikkelingen van over de hele wereld, zijn er toch veel schaduwkanten op te noemen. Ook in de politiek erkennen zij dit probleem; enerzijds is het makkelijker om een groter draagvlak te cre??ren door social media, maar het zorgt er ook voor dat de professionaliteit afneemt. Wat betekenen deze netwerken voor de politiek? In dit hoofdstuk zal een greep uit de belangrijkste voordelen en nadelen toegelicht worden en het verband met de politiek.
Voordelen van social media
Een van de grootste voordelen van sociale netwerken is het bereik. Van alle advertentiemogelijkheden is het bereik het grootst van social media. Organisaties kunnen op eenvoudige wijze hun doelgroep introduceren met nieuwe producten. Echter, niet alleen adverteerders genieten van dit voordeel maar elk individu dat een boodschap of statement wil maken kan middels de media haar zegje doen. Een politicus die een bericht post op Facebook kan rekenen op 9 miljoen geregistreerde gebruikers.
Door het gebruik van sociale media kunnen politici ook meer experimenteren met strategie??n. Dit gaat veel makkelijker en sneller via social media dan via de traditionele media. Bovendien kost het vrijwel niks, terwijl er wel betaald moet worden voor traditionele media. Het gebruiken van politieke strategie??n online herkennen we al bij de Amerikaanse verkiezingen in 2008, toen Obama de sociale media inzette met zijn winst als gevolg.
In vergelijking met andere vormen van communicatie en marketing kun je stellen dat social media erg snel is. Het vergroten van netwerk kan snel, de doelgroep benaderen en inwinnen van informatie kan helemaal snel. Eveneens het achterhalen van nieuws en vooral het laatste nieuws wordt tegenwoordig sneller verspreid via sociale media dan de traditionele media.
Een ander groot voordeel ten opzichte van andere communicatiemiddelen is de mogelijkheid van wederzijds contact tussen mensen onderling, bedrijf en doelgroep en politici en de aanhang. Social media zijn interactief. Aangezien zo goed als iedereen wel de sociale media regelmatig in de gaten houdt, kan het dus als een volwaardig interactief communicatiekanaal gebruikt worden.
Een eerder genoemd voordeel is dat social media bovendien een gratis medium is om in contact te blijven met de mondiale ontwikkelingen. Grote netwerken online vereisen niet meer dan een accountregistratie waarna je onbeperkt gebruik kunt maken van het netwerk.
Het is nu mogelijk om te beschikken over talloze informatie zonder dat hier enige kosten aan verbonden zijn. Hetzelfde geldt voor het beschikken over nieuwsitems en actief te zijn op fora. Deze lage prijs maakt het voor iedereen toegankelijk om deel uit te maken van deze grote spinnenweb aan netwerk. En, wat gratis is trekt mensen aan!
Nadelen van social media
Het is te verwachten dat een groot systeem als de sociale media zowel voordelen kent als nadelen. Onderzoek van Marketingmed brengt allerlei nadelen naar voren. Het grootste nadeel zou de mens zijn. Dit komt doordat mensen de neiging hebben om overal een tijdsdruk op te leggen; alles moet sneller en meer. Het gevolg hiervan is dat mensen onnauwkeuriger worden en nonchalanter wat leidt tot domme fouten die gemaakt kunnen worden. Voorbeelden hiervan zijn foute tweets bijvoorbeeld die mensen hun baan gekost hebben.
Een bekender nadeel is de afname van privacy wat het gevolg zou zijn van het toenemend social media gebruik. Gevoelige informatie en persoonlijke gegevens zijn allemaal opgeslagen in databases van bedrijven en instanties. Deze gegevens worden gemakkelijk doorgestuurd aan adverteerders om gepersonaliseerde advertenties mogelijk te maken. De privacy schendingen waar we te maken krijgen worden steeds meer en zorgen voor toenemende zorgen bij het volk. De Europese Unie laat haar stem horen over de zaak en wil de privacy van gebruikers verbeteren. Regels omtrent de privacy van Internetgebruikers zijn nu achterhaald gezien deze dateren uit 1992, het jaar waarin Internet toen nog nauwelijks bestond. Europees Commissaris Viviane Reding (Justitie) stelt dat 72% van de Europeanen zich zorgen maakt over privacy en veiligheid op internet. De maatregelen die worden getroffen gaan zeer geleidelijk dewijl het Internet en de privacy van men een grensoverschrijdend karakter heeft. Echter, Rome is ook niet in ‘?n dag gebouwd. Het wachten op maatregelen van Brussel kan nog wel voortduren.
Hoewel de term doet suggereren dat social media sociaal is en de communicatie tussen mensen bevordert zijn er onderzoeken waaruit is gebleken dat social media een zeer anti-sociaal karakter heeft. Op Internet doet de citaat ‘1000 vrienden op Facebook, maar geen vriend om mee naar de kroeg te gaan’ het ronde. Dit moet de indruk wekken dat het sociale beeld dat geschets wordt niet meer dan een fa??ade is. Hiermee wordt bedoeld dat je zelf emoties en stemmingen kunt cre??ren op je sociale netwerken. De werkelijkheid kan volledig gemanipuleerd worden door bepaalde aspecten te benadrukken, en delen van het leven die minder goed gaan weg te laten. Dit leidt tot een picture perfect beeld: je kunt op het internet de persoon cre??ren die je graag wilt zijn. Een perfecte versie van jezelf.

In het boek, Alone Toghether-Why we expext more from technology and less from eachother vertelt Sherry Turkle, een technologiesocioloog hoe de moderne technologie ons verandert. Hoewel social media ons verbinden doen ze ons eigenlijk alleen maar meer op onszelf terugvallen. Deze uitspraak is een variant op de woorden van Marshall McLuhan, een Canadese filosoof en wetenschapper die zich specialiseerde in mediastudies en mediatheorie; ‘We shape our tools and thereafter our tools shape us.’
De technologie maakt het steeds makkelijker om vooral geen persoonlijk contact te hebben. Directe communicatie wordt ingeruild voor SMS-berichten, appjes en mails.

Politieke omgang met de voordelen en nadelen
Eerder werd het voordeel genoemd over de minimale kosten die social media met zich meebrengt. Hoewel overheden grote budgetten hebben voor communicatiecampagnes, zijn deze toch niet eindeloos.

De sociale media bieden de overheid de kans om grote campagnes op te starten die veel minder kosten, en fungeren als een goedkoop alternatief van de voormalige campagnes zonder online gebruik of een goedkope aanvulling. Ook kleine organisaties en kleine projecten met kleine budgetten kunnen daarmee genieten van gelijknamige mogelijjkheden als grote organisaties.

Met behulp van sociale media kan de politiek dichter bij de mensen komen te staan. De klachten die aanduiden dat dit niet zo is kunnen opgelost worden door de sociale media. Men maakt meer gebruik van social media dan zij bijvoorbeeld naar de krant grijpen. Kiezers voelen zich steeds minder aangetrokken tot flyerende politici op de straat. De kiezer opent steeds vaker hun Twitter, Hyves of Facebook pagina.
Politici spelen hier op in door zich te registreren bij deze netwerken en hier hun boodschap te verspreiden. Deze sites bieden de kans om de idee??n snel de wereld in te kunnen gaan. Het grote bereik en de snelheid is voor veel politici een reden om aan de slag te gaan met Twitter. Informatie ontvangen en informatie zenden zijn hier mogelijk, wat voor verscheidene parlementari??rs als voordeel wordt ervaren. De interactie is erg belangrijk voor politici. Volgers kunnen komen met vragen, suggesties, verwijten en kennis wat van meerwaarde is voor parlementari??rs. Bovendien kunnen politici zich online profileren. Via de toepassingen kunnen zij erachter komen welke thema’s en idee??n er leven bij burgers, en hierop inspelen. Zo kunnen zij werken aan een grotere naam, en mogelijk een opstapje cree??ren naar een campagne met voorkeursstemmen. Langs deze weg wordt het makkelijker voor politici om zich te profileren als een bepaalde persoonlijkheid die staat voor bepaalde belangen van een groep in de samenleving. Tevens maken de nieuwe online applicaties het mogelijk voor politici om een individu te zijn en geen politiek partij.

Eveneens betekent de interactie ook transparantie tussen burgers onderling en overheden. Waar vroeger deze contacten telefonisch verliepen en dit voor niemand zichtbaar was, vormt social media tegenwoordig een eindeloze informatiebron over de idee??n, houdingen en gevoelens van burgers en overheid. Dit zorgt er dan wel weer voor dat informatie voorzichtig ge??nterpreteerd moet worden. Er is een ware paradox bij de interactie die mogelijk is door social media. Enerzijds de handigheid waarbij het mogelijk is om contact te hebben en een wisseling van idee??n en gevoelens. Anderzijds het feit dat dit representatief is, omdat de burgers die zich begeven op social media en contact hebben met politici niet altijd representatief is voor de rest van de bevolking. De klachten en suggesties zijn natuurlijk ten voordele van de zender en niet de gehele Nederlandse bevolking (wat hoe dan ook niet kan).

Sociale media zijn overigens cruciaal voor politici gedurende de verkiezingen om zwevende kiezers eventueel over te halen. Lene Grooten, duo-raadslid van GroenLinks, vertelt in een interview met Dichtbij dat campagne voeren op sociale media een interessante manier van campagne voeren is. Het is vaak zelfs beter dan flyeren. Tijdens het flyeren is de mogelijkheid om in gesprek te gaan met mensen veel beperkter ten opzichte van online campagne.

Bovendien draagt social media aan een binding tussen burger en politicus. Sinds Barack Obama de verkiezingen won geloven velen sindsdien dat sociale media de kloof tussen burgers en politiek kunnen verkleinen. Dit zou met name voor Twitter gelden. Twitter wordt door politici massaal gebruikt omdat deze weergeeft dat ze interesse hebben in burgers. Journalisten hebben baat bij Twitter om de publieke opinie te te peilen.

Echter, het idee dat Twitter de kloof tussen politiek en burgers verkleint is incorrect. Zo wordt het aantal Twitteraars overschat: hooguit een kwart van de bevolking de bevolking kijkt er weleens op. Nog minder burgers gebruiken het voor politieke doeleinden. Tevens komen politici via Twitter niet in contact met onverschillig geraakte burgers, maar hun trouwe doelgroep. Feitelijk gezien is het geen probleem wanneer politici een select publiek proberen te informeren over politieke kwesties.
Het probleem ontstaat wanneer het beeld ontstaat dat politici denken via sociale kanalen te weten wat er in het land leeft. Er staat dan een niet-representatieve elite voortaan model voor de hele bevolking, terwijl we weten dat de politieke opvattingen van deze hoogopgeleiden afwijken van burgers van achterstandswijken, boeren, senioren en andere boeren die nauwelijks of geen gebruik maken van Twitter [ Trouw; Met een tweet bereik je Henk en Ingrid niet, 2011]

De representativiteit die er op social media schijnt te zijn is overigens ook niet optimaal. De applicaties worden namelijk niet door alle burgers in gelijke mate gebruikt. Vooral het (hoog)opgeleide deel van de bevolking maakt gebruik van de toepassingen op politiek actief te zijn. Dit zijn tevens ook de burgers die het belangrijk vinden om politici en ambternaren te contacteren om hen op de hoogte te houden van bepaalde ontwikkelingen. Ook is de kans groot dat de informatie die bij politici binnen komen afkomstig van voorstanders of juist tegenstanders. Dit betekent dat massale burgeracties via sociale media door overheden en politici niet anders behandeld moeten worden dan ouderwetse handtekeningenacties.

Andere keerzijden die ge??nterviewden noemden was de druk om te antwoorden, het eerdergenoemde risico om het publiek aan te zien voor een doorsnede van de Nederlandse bevolking en de kans op scheldpartijen en bedreigingen. Verder noemde een deel van parlementari??rs de moeite die zij ondervinden bij de beperking in het aantal tekens wat gebruikt kan worden. Volgens hen maakt dit het af en toe onmogelijk om een bepaalde context mee te geven aan de lezer. Het meest genoemde nadeel dat is genoemd is de kans op een fout, een zogeheten ‘slippertje’. Volgens politici is de kans hierop relatief groot.

Hoe wordt social media gebruikt voor politieke doeleinden?
Inleiding
In de vorige hoofdstukken bleek hoe populair social media is bij het volk. Toch verschilt het gebruik van politieke partijen ten opzichte van normale burgers. In tegenstelling tot de gewone burger heeft een politicus enorm veel verantwoordelijkheid en kan niet lukraak posten wat in hem opkomt. Het gebruik van politici valt te verklaren door verschillende aspecten: waar enkelen vooral bekendheid willen werven besluiten anderen het juist te doen voor interactie met de burgers. In dit hoofdstuk zal toegelicht worden wat de voornaamste doeleinden zijn voor politici om social media te gebruiken. Tevens wordt er uiteengezet hoe social media politieke partijen en politici helpen om hun gewenste doelen te behalen.
Bijdrage sociale media aan politieke doeleinden
Elke politieke partij en politici kan beamen dat zij een soort strategie aanhangen om hun politieke doeleinden te realiseren. Alvorens de strategie behandeld wordt is het belangrijk om te weten wat politieke partijen en politici willen realiseren met behulp van social media.Het spreekt voor zich dat politici en politieke partijen, alles overziend, streven naar deelname aan het bestuur. Politieke partijen proberen zetels te veroveren via verkiezingen in het parlement, de Provinciale Staten, de gemeenteraad of het waterschap. Evenzeer heeft Nederland een aantal zetels in het Europees Parlement. In die mate willen zij proberen om invloed uit te oefenen op het overheidsbeleid. Evengoed willen politieke partijen hun standpunten en idealen terugzien in de samenleving.
De Tweede Kamer bestaat niet uit de doorsnee bevolking, maar uit relatief veel hoogopgeleide mannen waardoor er een kloof tussen burger en politiek ontstaat. Door middel van social media willen politici proberen om deze kloof te verkleinen. Persoonlijke informatie delen met hun kiezers, communicatie over en weer met de kiezer en door het toelichten van hun standpunten. Pleitbezorgers van social media vinden dat de overheid nieuwe flair nodig heeft en dat deze flair kan ontstaan door meer interactie met de burger via digitale middelen. Deze werkwijze zou burgers bij het beleid betrekken, beter beleid opleveren en bovendien zou het starre organisaties openen maken. Een van deze pleitbezorgers is de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling, een adviesraad van de Tweede Kamen en de regering. Zij schreven preadviezen over de relatie tussen internet en de overheid en brengen onderzoeksrapporten uit waarbij sociale media op innovatieve wijze werden ingezet. Een dergelijk onderzoeksrapport is gebruikt over de Noord-Zuidlijn te Amsterdam.[Chris Aalberts, Twitteren met overheid verkleint kloof niet, 2-01-2013]
Sociale media zorgen daarbij voor een verminderde afhankelijkheid van politieke partijen van televisiedebatten en actualiteitenprogramma’s voor het overbrengen van hun boodschap. Een tweet of Facebook post is veel sneller en heeft een enorm breed publiek. Tegenwoordig kan een online bericht juist aanleiding zijn tot televisie of radio uitnodigingen.
Interactie met de kiezer is nog altijd zeer belangrijk om voorloper te zijn online. Online hebben kiezers content waarop ze inhoudelijk kunnen reageren. Zo kan er interactiviteit ontstaan tussen de politicus en de burger, wat uiteindelijk het streven is van politici. Social media draagt bij aan deze doeleinden doordat het indirect de mogelijkheid biedt tot populariteit.
Strategie
Wanneer het medium goed gebruikt wordt gaat er voor politieke partijen heuze deuren open. In het diepte interview, hoofdstuk 7, met politicus Achmed Marcouch staat er uitvoeriger beschreven hoe elke politicus en politieke partij een bepaalde stategie aanhangt om op die manier social media zo optimaal mogelijk te gebruiken. In de politiek speelt social media steeds een relevantere rol. Voorbeelden als de campagne van Barack Obama in 2008 en 2010 of de opstanden in Egypte en Libi?? die tot stand kwamen door oproepen via Twitter en een heel regime aan wankelen wisten te brengen. Echter, uit interviews komt naar voren dat de meeste politici bij het gebruik van social media geen weloverwogen beslissingen hebben genomen. Ze kiezen voor bepaalde toepassingen omdat ze door anderen zijn uitgenodigd, door hun persoonlijke medewerker zijn aanbevolen of omdat zij door vrienden getipt zijn. Het laatste is tevens van toepassing op Ahmed Marcouch die vertelde dat zijn account op Twitter is aangemaakt door een vriend. Sommigen hadden al een profiel voordat zij een politieke rol kregen. Het is daarna langzaamaan veranderd van een persoonlijke profiel naar een breder profiel met mensen die zij online kennen.
De keuze van applicatie ligt onder meer aan het entousiasme van de politicus. Het heeft weinig zin om te beginnen met de toepassing als zij zelf niets erin zien. Dit enthousiasme wordt vaak getemperd vanwege het idee dat sociale media veel tijd kosten. Er moet tijd besteedt worden aan het oefenen hoe bepaalde applicaties werken. Alleen in uitzonderingsgevallen geven Europarlementari??rs en Kamerleden aan van tevoren bewust erover te hebben nagedacht of burgers op deze applicaties zitten te wachten, of die applicaties bij hen als politicus of persoon passen en of ze een rol kunnen spelen bij hun strategie. Deze laatste groep politici merkt dat burgers hun verhaal kwijt willen en op politici willen reageren, en dat dat ook voor ‘de politiek’ van belang kan zijn.
Net als de categorie politici die social media omarmen, geven politici die dat niet doen daar geen diepzinnige redenen voor. Een veelgenoemde reden is dat lastig voor hen is om een keuze te maken uit de vele mogelijkheden. Twitter valt bijvoorbeeld af omdat zij 140 tekens beperkt vinden. Andere toepassingen zouden niet goed aansluiten bij hun behoeften. Bij veel toepassingen noemt men simpelweg het gebrek aan tijd. Politici die gebruik willen maken van social media zeggen zich vaak afhankelijk te voelen van hun persoonlijke medewerker. Als deze er lak aanheeft leidt dat ertoe dat Kamerleden op zichzelf aangewezen zijn voor hun pogingen sociale media tijdens hun werk in te zetten. Dit is problematisch gezien het veel tijd zou kosten.
Politici denken zelf niet altijd over het bewust inzetten van social media met gebruik van bepaalde strategie??n, maar hun partijvoorlichters doen dat wel. Desondanks mist er een overkoepelende strategie. Zij denken na welke social networks beschikbaar zijn en in hoeverre deze nuttig zijn voor een de partij of politicus. Zij doen losse voorstellen aan de Tweede Kamerleden welke kanalen ze kunnen gebruiken. Facebook draagt bij de binding tussen burgers en en de partij en het helpt de politici om zich meer te kunnen presenteren als persoon.
Social media wordt vaak nog vooral experimenteel gebruikt. Het gebruik is in eerste instantie vooral gebaseerd op trial and error. Al doende proberen zij achter de meerwaarde van social media te komen. De voorlichters zijn degenen die er bewust mee bezig zijn en soms heuze internetstrategie??n opstarten. De Raad voor het Openbaar Bestuur zegt de indruk te hebben dat social media nu nog wat willekeurig worden ingezet en beveelt daarom aan om die onderdeel te laten zijn van de communicatiestrategie van politieke partijen en overheidsinstellingen .

Om succesvol gebruik te garanderen schijnt er een keuze gemaakt moeten worden betreffend de inhoud: is het puur voor zakelijke doeleinden of zullen er ook persoonlijke zaken gepost worden. Ook komen we de vraag tegen over de tijdsinvesteringen, want wanneer post je genoeg? Een profiel dat weinig wordt bijgehouden schets namelijk algauw een beeld van luiheid en onverschilligheid.
Niettemin zijn politici en voorlichters zijn beiden onzeker over wat nu precies het profijt is van sociale media en of dit inderdaad meer stemmers oplevert, meer draagvlak voor beleid en of dit de burger daadwerkelijk dichterbij de politiek brengt. Hoewel het rendement nog onbekend is, stellen voorlichters dat hun partijen toch maar gebruik maken om niet achter te lopen en de boot niet te missen.
Informeren van burgers
De belangrijkste motivatie van politici en hun voorlichters is om burgers via sociale media informatie over politiek te verstrekken. Middels het inzetten van sociale kanalen kunnen zij burgers een inkijkje verschaffen in hun werk. Dit zou allerlei positieve effecten hebben zoals het verlagen van de drempel voor burgers om zich in politiek te verdiepen, beter begrip van het politieke bedrijf en het bevorderen van transparantie. Het werk van Kamerleden, maar ook gemeenteraadsleden zou nog onbekend terrein zijn voor burgers. Burgers kunnen door social media ge??nformeerd worden en op de hoogte gesteld worden van het werk van politici. Dit zou uiteindelijk kunnen leiden tot een afname van de kloof tussen politiek en burgers. Met name Twitter wordt hierbij vaak genoemd.
De Raad voor het openbaar bestuur, een adviesorgaan van de regering en het parlement dat onafhankelijk opereert stelt dat de politieke partijen en politici nog lang niet alle mogelijkheden benutten van social media. Politici zouden meer de interactie met burgers moeten aangaan. Echte interactie zou nog ontbreken tegen alle voordelen in.
Toch blijkt de informerende functie van social media niet ideaal. Uit diverse onderzoeken blijkt echter dat gebruik van social media niet erg veel toegevoegde waarde heeft hierbij. In ‘Netwerkpolitiek? Actieve burgerparticipatie is geen bezigheid van de rest van het volk’, een artikel in de Volkskrant schijnt het effect van internet sterk worden overdreven. De online interactie tussen politici en burger is beperkt. Evenals het bereik van politieke informatie via internet en sociale media. Er kan sprake zijn van een grote hoeveelheid interactie online, maar die interacties vinden plaats met een relatief kleine groep burgers die ge??nteresseerd zijn in de politiek. Het interacteren en informeren van burgers gebeurt niet in gelijke mate met alle groepen burgers, maar vooral burgers die bepaalde politici of dergelijke weten te vinden.
De meeste burgers interacteren niet en doen niet volledig mee aan dit communicatieproces . Volgens het social media onderzoek dat gevoerd is blijkt dat er bij interactie met burgers is er dus weinig nieuws onder de zon: enkele burgers zijn goed in staat hun stem te laten horen zowel lokaal als online. Maar net als in het ‘werkelijke’ leven overschreeuwen laatsgenoemde de burgers die minder verstand hebben van de gemeente, burgers die minder tijd hebben en geen interesse hebben om zich hierin te verdiepen.
Politieke doeleinden burgers
Hoewel het vaak buiten beschouwing wordt gelaten kunnen ook burgers een politieke doeleinde hebben bij het gebruik van de sociale netwerken. Al is dit motief minder aanwezig dan het politiek motief om statements te maken en interactie te zoeken met burgers.
Diverse burgers zeggen gebruik te maken van politieke applicaties ( voormalige Hyves, Twitter en Facebook) om een berichtje te sturen aan politici . De inhoud van dit berichtje varieert: een politiek advies kan gegeven worden of er wordt een vraag gesteld betreft een thema die desbetreffende burger op het hart ligt. Toch gebeurt dit niet veel; zo een 6% van de bevolking voegt maandelijks politieke content op participatieve media .
Over de burgers die online politiek actief is wordt in The myth of the active online media een aantal aspecten beschreven. Zo wordt er gezegd dat de kans dat zij representatief zijn nihil is: de burgers die online politieke content toevoegen hebben veel meer politieke interesse ten opzichte van de rest van de bevolking. Daarbij laat Tom Bakker in het onderzoek zien dat deze burgers voldoen aan een bepaalde soort persoonlijkheidskenmerken. Zij zijn extraverter dan de rest van Nederland en staat bovendier meer open voor nieuwe ervaringen dan anderen.
De mate waarin burgers echter respons verwachten van hogere politieke kringen, verschilt. Veel burgers zeggen dat ze geen reactie verwachten en dat ze het politici ook niett kwalijk nemen wanneer deze niet reageert. Mochten zij wel een antwoord terug krijgen is dit natuurlijk mooi, maar dit is geen prioriteit bij het sturen van een berichtje. Zij hangen het idee aan dat politi veels te druk bezig zijn en geen tijd hebben voor social media en het actief zijn op deze toepassingen. Sommigen zeggen wel zeker te weten dat hat berichten gelezen worden. In het boek Veel gekwetter, weinig wol is hier een onderzoek naar gedaan en worden burgers die op sociale media politiek actief zijn hiernaar gevraagd. Een gebruiker die minister Pechtold berichten heeft gestuurd op Hyves wordt geciteerd in het boek :

Hyves-vriend van een Tweede Kamerlid
Anderzijds zijn er burgers die juist verwachten als een politici gebruik maakt van interactieve media hij zich ook interactief moet opstellen. Het feit dat zij aanwezig zijn op deze netwerken, verplicht hen te reageren. Wanneer dit niet gebeurt raken burgers al gauw teleurgesteld en kan dit zelfs leiden naar een ander beeld van een politicus.
Alom, interactie blijkt deels uitzonderlijk. Van een aantal politici wordt gezegd dat een reactie niet wegblijft en van andere politici juist niet. Volgers en vrienden van politici verwachten deze interactie niet, maar vinden het wel leuk wanneer zij toch een reactie ontvangen. Veel van de ondervraagde burgers hebben helemaal geen mening over dit thema.

Wat is de invloed van social media op bestuur en politiek?
Inleiding
Politici zijn massaal te vinden op Twitter en Facebook en hechten er veel waarde aan. Communicatieadviseurs verdienen goed geld aan het uitzetten van strategie??n voor politieke partijen. Dit allesmet met de hoop kiezeren te kunnen binden en stemmen binnen halen. In het gepubliceerde onderzoek van Centre for European Studies, Social media- the new power of politic influence, worden de nieuwe verhoudingen getoond door social media. De invloed op bestuur en politiek is groter dan ooit te voeren. Een case in het onderzoek luidt:

‘In the Finnish parliamentary election of 2011, there were clear indications that the True Finns were the first party in Finland to succeed in using social media to mobilise their supporters.

Desalniettemin scheppen dit soort uitspraken een scepsis. Barack Obama en zijn verkiezingscampagne die zijn winst mogelijk maakte, het Finse parlement dat won mede door de YouTube video’s en verschillende anderen die wonnen en hier social media bij gebruikte. De vraag of dit toeval is of dat social media degelijk invloed heeft op de bedrijving van de politiek ontstaat. Social meda suggereren namelijk het idee dat burgers invloed kunnen uitoefenen op het beleid. Is dit daadwerkelijk zo? In hoeverre is dit veranderen ten op zichte van de voormalige jaren?

Social media gebruik gedurende verkiezingen
Gedurende de verkiezingen is er andere patroon herkenbaar bij social media gebruik. Tijdens gemeenteraadsverkiezingen, maar ook landelijke verkiezingen hebben de sociale media veel aandacht gekregen als gevolg van het gebruik door de lokale en landelijke politici. Uit interviews met verschillende politici blijkt dat zij evenzeer op de hoogte waren van social media voor en tijdens de gemeenteraadsverkiezingen 2010. Het gebruik van sociaal netwerk Twitter was onder de meerderheid van de ge??nterviewden het meest opvallend. Tijdens de verkiezingen is dit de belangrijkste toepassing voor de meerderheid en wordt ook het meest gebruikt. In masterscriptie’Rol van social media bij de gemeenteraadsverkiezingen 2010 in Den Haag’ wordt er onderzoek gedaan naar de mate waarin social media bijdroeg aan de verkiezingen. Er wordt hier in verwijzing gemaakt naar een artikel van Algemeen Dagblad, 4 maart 2010 en Nieuws.nl, 8 maart 2010 waarin staat dat lokale politici hebben geprobeerd om via krabbels op Hyves en tweets zo veel mogelijk kiezers te bereiken. Het aantal politici dat twitterde zou vanaf januari 2010 tot de gemeenteraadsverkiezingen in maart toe zijn genomen van 800 naar 2200. Ook het aantal tweets nam sterk toe van 2000 gemiddeld per dag naar 9247 berichten op de dag van de verkiezingen. Hieruit valt op te maken dat de politici Twitter actief inzetten als middel om kiezers te interessen en om een draagvlak te cre??ren voor hun standpunten.

Tijdens de interviews wordt ook zichtbaar dat de meeste politici en politieke partijen niet wezenlijk of helemaal geen gebruik gemaakt hebben van de diensten van Facebook. Zoals eerder gemeld, werd Twitter het meest ingeschakeld tijdens de aanloop van de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart 2010. De meeste lokale partijen hadden geen pagina op Facebook tijdens en/ of voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2010.
De partijen die hieronder vallen zijn: Christen Democratisch Apel, Groenlinks, Socialistische Partij, Islam Democraten, Partij van de Dieren, Partij van de Arbeid, Lijst Khoulani, Stop Wilders Nu, De Liberale Partij, De Vrije tegen partij, HSP, SGP TON, CU en de PPS. De PVV had ook een Facebook pagina, alleen was deze in tegenstelling tot de andere partijen een priv?? ingestelde pagina waardoor alleen vrienden van de partij hier toegang tot hadden. Een enkeling had ook Facebook voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2010 . de partijen die hieronder vallen zijn de VVD en D66. De gepostte berichten hebben een informatief karakter maar wel met meer elementen zoals foto’s, posters en YouTube video’s. Het gebruik valt echter wel op: tussen januari en die verkiezingsdag zijn er in totaal negen berichten geplaatst.
Ondanks het geringe gebruik wordt er in Nederland af en toe wel een poging gedaan om social media te betrekken in de politiek. Juist omdat het gebruik in de Nederlandse politiek nog weinig succes lijkt te hebben, bieden de verkiezingen een uitstekende kans om politici meer gebruik te laten maken van social media. Zeker omdat het gunstig is tijdens de verkiezingen. Zo is het goedkoper: er hoeven geen fondsen geworven te worden om campagnes te maken. Ook is het mogelijk om burgers online mee te laten denken over het verkiezingsprogramma. Immers, als politieke partij wil je zaken op de agenda zetten die daadwerkelijk leven onder de bevolking. De Partij van de Arbeid is de eerste die deze stap heeft gemaakt met het concept ‘Denk mee met Diederik’. Burgers konden met dit initiatief idee??n leveren voor het nieuwe partijprogramma.
Het interview dat in hoofdstuk 6 uitgewerkt is toont nieuwe inzichten vanuit politiek perspectief wat betreft de verkiezingen. Ahmed Marcouch vertelt namelijk dat de het gebruik in die periode tamelijk verandert. Er wordt veel meer gepost en het schijnt belangrijk te zijn om juist dan actief te zijn. Ook meneer Marcouch vertelt hieraan mee te doen. Of het daadwerkelijk zwevende kiezers overtuigd om te stemmen op zijn partij, de PvdA, betwijfelt hij, maar het is prettig voor de kiezer om een overzicht te hebben van de zaken. Hoewel er geen zekerheid is of deze lading aan posts iets toevoegen vertelt meneer Marcouch dat het toch beter is dan niets plaatsen. Dit voorkomt een achterliggende positie ten opzichte van de ‘concurrenten’. Het gebruik van social media houdt de politici op een vooraanstaande positie.
Internationale social media invloeden.
Verschillende ontwikkelingen elders hebben aangetoond dat social media cruciaal is voor diverse rampen, revoluties en rellen. De Arabische Lente die begon in 2011 is hier een mooi voorbeeld van. Hoewel er een aantal weerleggingen, wordt er toch gespeculeerd dat social media het mogelijk kon maken dat deze revoluties plaatsvonden. In deze paragraaf zal er nader worden bekeken in hoeverre sociale netwerken hebben bijgedragen aan de revoluties.

Op 14 januari 2015 was het precies vier jaar geleden dat de Tunesische president Ben Ali aftrad na een reeks volksprotesten. Het bleef niet bij hem, algauw volgden andere Arabische leiders. Deze gebeurtenissen die plaatsvonden in het Midden-Oosten en Noord-Afrika worden aangeduid met de term ‘Arabische Lente’. Ondanks dat we hier niet veel meer van merken op het nieuws zijn deze gebeurtenissen van grote historische betekenis. De Arabische Lente kent zijn oorsprong in Sidi Bouzid, te Tunesi??. In december 2010 stak deze fruitverkoper zichzelf in brand als protestteken. Deze iconische held zette aan tot volkswoede waarna er massale demonstraties volgden De dood van Mohammed Bouazizi bleef dus niet onopgemerkt.
Nadat de protesten zich verspreidden tot Tunis, probeerde de president de protesten neer te slaan en de werkloosheid verhelpen. Tevergeefs, dit lukte niet waarna Ben Ali het land ontvlucht, na de regering te hebben ontbonden.
Een dergelijke situatie herkennen we in Egypte, de demonstraties leidden tot de val van Mubarak die het land niet ontvluchtte maar berecht werd. In Egypte was de onvrede over armoede, werkloosheid, repressie en corruptie groot.
Maar er was niet veel animo om te demonstreren in de politiestaat onder Mubarak. De Tunesi??rs waren nodig om door de angst barri??re heen te breken van de Egyptenaren. Anderhalve week na de val van de Tunesische president gingen de Egyptenaren de straat op om het vertrek van Mubarak te eisen.
Dinsdag 25 januari was het begin van ruim twee bloederige weken die het daadwerkelijke vertrek realiseren. Het vertrek van de twee genoemde presidenten was in feite veel groter. Ze leidden tot regimewisselingen in Libi?? en tot grote druk op leiders van onder andere Bahrein, Yemen en Syri??. Een verklaring voor deze ontwikkelingen ontbreekt nog, hoe heeft het namelijk zo ver kunnen komen? Een bevolking die regimen aan het wankelen kunnen zetten zonder dat er sprake is geweest van een gestructureerde organisatie.
‘No one could have known that when a Tunisian fruit vender set himself on fire in a public square, it would incite protests that would topple dictators and start a global wave of dissent. In 2011, protesters didn’t just voice their complaints; they changed the world’.

Het succes van de revoluties schijnt door verschillende onderzoeken in verband te worden gebracht met social media. In de loop van 2011 werd veel aandacht besteed aan de rol van sociale media in de politieke ontwikkelingen. Er doken termen op zoals ‘Facebookrevolutie’ en ‘Twitterrevolutie’. Op het Tahrirplein in Ca??ro hielden demonstranten borden omhoog met ‘Thank you Facebook’ en andere verwijzingen naar social media netwerken als bevrijders (zie afbeelding 1).

Ook artikels verschenen online met titels als ‘Arab spring really was social media revolution’ en ‘Is Egypt about to have a Facebook revolution’?
(zie afbeelding 2)
Door middel van Facebook en Twitter en kritische bloggers onstond er online een verbond dat zich inzette voor een val van de regimen. Zij lieten online weten dat ze de straat opgingen en, belangrijker nog, zij hielden de wereld op de hoogte van de gebeurtenissen die moeilijk het land uit konden door de censuur. Burgers van buurlanden kregen voornamelijk online te horen welke taferelen zich voordeden en hoopten dat hun overheid zich hierdoor beter zou verantwoorden tegenover haar burgers.

De Egyptische en Tunesische demonstranten gebruikten social media om in contact te kunnen blijven met mensen elders op de wereld. In veel gevallen hielpen deze connecties het Westen over de gebeurtenissen die zich afspeelden. Zij kregen bovendien volgers in andere landen waaronder Libi?? en Syri??, waar later ook democratische protesten plaatsvonden. Door de sociale netwerken hebben tal van berichten over vrijheid en democratie zich kunnen verspreiden over Noord-Afrike en het Midden-Oosten.
Overheden herkenden zelf de kracht van de burgers die zich online verzamelden. In Tunesi?? werd Facebook daarom geblokkeerd evenals andere social media sites. Bloggers en anderen die de overheid bekritiseerden werden gearresteerd. Maar deze zaten niet bij de pakken en hackten overheidsservices. Hetzelfde patroon herkennen we in Egypte: hier werd ook besloten om social media ontoegankelijk te maken gezien de demonstranten zich zo verzamelden. Wanneer zij geen toegang meer hadden konden zij zich niet zo makkelijk verzamelen. De Moslimbroederschap steunde echter op bloggers die opereerden vanuit London en dus nog steeds toegang hadden tot het web.
Twitter geeft het beste materiaal wat betreft individuele getuigenissen gedurende de revoluties. Meer dan 2200 tweets werden de wereld in gestuurdvanuit Marokko, Egypte, Algerije, Bahrein en Yemen over president Zine El Abidine Ben Ali, de dag dat hij aftrad. Een week voor de val van Mubarak stond de teller nog op 2300 waarna dit steeg naar 230000 per dag over de politieke verandering in Egypte.
In het onderzoek ‘Opening closed regimes- What was the role of social media during the arab spring’ word er een beeld geschetst van de bijdrage van social media aan de revoluties. Er is onder meer een analyse gemaakt van de YouTube statistieken. Tussen 16 mei 2011 en 20 mei 2011 zijn de video’s met ‘Egypte’ als sleutelwoord geanalayseerd en opgenomen in een tabel ( zie bijlagen).
Het is echter moeilijk voor te stellen dat sociale media alleen verantwoordelijk waren voor de golf van revoluties; er zijn verschillende andere oorzaken. Een Arabische Lente zou onvermijdelijk geweest zijn, social media schijnt maar een versnelling te zijn geweest van het hele proces. De hoge jeugdwerkloosheid, die soms wel opliep tot 30% , in veel Arabische landen zou een belangrijke reden zijn voor de protesten. Er was veel armoede en naast die armoede leefde een elite die zich vergreep aan de olie-inkomsten waarover diverse Oosterse landen beschikten. De regime hinderden hen hier niet bij. De hoge werkloosheid was tevens een belangrijke factor. In tegenstelling tot Westerse democratie??n zat voornamelijk het hoogopgeleide deel zonder baan. Het volgen van een hogere opleiding gaat vaak gepaard met de wil tot meer politieke inspraak. Bij werkloosheid wordt die wil groter. Immers, zij hoevenn zich niet te verantwoorden bij hun werkgever en hebben de vrije tijd om de straat op te gaan.

Vervult social media ook een agendafunctie?
Inleiding
Onderhand is het duidelijk dat de massamedia een agendafunctie vervullen. Maar nu, met de sociale media die de traditionele media langzaamaan verdrijven is het nog niet geheeld duidelijk of er ook van een agenda theorie te spreken is bij de sociale media. Een onderdeel van het rechtssysteem in Nederland is de vrijheid om onderwerpen te agenderen. Als problemen aandacht van burgers en maatschappelijke groeperingen krijgen vormen deze de politieke agenda. Met behulp van media-aandacht of op aandringen van belangenverenigingen bij politici kunnen deze publieke problemen terecht komen op de politieke agende. Vervolgens is het de bedoeling dat de overheid met beleidsmaatregelen het probleem oplost. In hoofdstuk 6 kun je lezen hoe Ahmed Marcouch nadruk legt op snelheid bij het agenderen van onderwerpen. Er zou een imaginaire competitie zijn waarbij politici als eerst een onderwerp willen plaatsen op de politieke agenda. Interessant is dat social media bijdraagt aan een hoge snelheid. Dit hoofdstuk zal het verloop van het agenderen van onderwerpen tonen en de mate waarin social media hieraan bijdraagt.

Agenda-setting theorie
We onderscheiden bij de (massa)media verschillende functies die vervult worden. ‘?n daarvan is de agenda-setting die over de invloed gaat van de media op de grote massa. Wat veel besproken worden in de media zal doorgewerkt worden bij de grote massa, die hier vooral over zal praten. Deze theorie beweert niet dat de media bepaalt hoe de massa leeft, maar wel waar de massa over praat. Er wordt bij de agenda-setting rekening gehouden met drie verschillende agenda’s. De politieke agenda, publieke en die van de media. De genoemde agenda’s hebben allemaal invloed op elkaar. Daarbij spelen ook de persoonlijke evaringen en de interpersoonlijke communicatie een rol in de theorie.

De theorie onstond feitelijk al in 1922, in het boek Public Opinion stelt Walter Lippman dat de massamedia een schakel vormt tussen gebeurtenissen en het beeld in mensen hun hoofd. Lippman heeft de theorie hierbij niet bij naam genoemd, wel een uitstekende beschrijving van wat wij tegenwoordig de agenda setting theorie noemen. Bernard Cohen ging verder aan de slag met Walters ‘theorie’ wat er uiteindelijk naar heeft geleid dat McCombs en Shaw de hedendaagse agenda-setting theorie hebben opgesteld [Agenda-setting theory, Wikipedia]. Lange tijd heeft de traditionele theorie uit de jaren ’70 veel aandacht gekregen van gedragswetenschappers. Echter, na vierhonderd studies is er niets meer onbesproken gebleven en is het meeste omtrent deze theorie wel onderzocht. De theorie dreigde te verstoffen en het aantal studies daalde fors.

De theorie wordt eigenlijk nu pas interessant. Door het internet dat interactief werd en de nieuwsstromen niet een eenrichtingsweg bleken, verandert er een hoop inzake de agenda setting-theorie. Het fenomeen ‘citizen journalism’ heeft namelijk de theorie op zijn kop gezet. Er was ruimte om feedback te geven op het nieuws en zelf online nieuws kon cre??ren, delen en publiceren op weblogs en social media pagina’s. Smartphones maken het tevens mogelijk om gebeurtenissen vast te leggen en op grote schaal delen via social media. Dit neemt niet weg dat traditionele media hun macht verliezen, ze blijven een belangrijke informatiebron. De macht van de traditionele media wordt toch ‘gedeeld’
Dit neemt echter niet weg dat de traditionele media nog altijd erg machtig zijn, want ze blijven een belangrijke bron van informatie. Voor veel onderwerpen geldt dat als traditionele media er geen aandacht aan besteden, wij als publiek simpelweg niet van het bestaan afweten. Wat zouden wij bijvoorbeeld meekrijgen van gesprekken tussen Obama en Poetin als de media hier niet over berichten? De macht van de traditionele media is ook terug te zien op Twitter. Tony Wang, general manager van Twitter UK, verklaarde eerder deze maand in een interview met Danny Oosterveer hier op Marketingfacts dat 40% van de pieken op Twitter plaatsvindt rond tv-uitzendingen. Wat er op tv wordt uitgezonden heeft dus nog altijd veel invloed op waar het publiek het over heeft. De macht van de media is met de komst van citizen journalism natuurlijk niet geheel verdwenen, maar de mensen die voorheen bekend stonden als ‘het publiek’, maken nu wel een wezenlijk deel uit van het nieuwsmilieu.
http://www.marketingfacts.nl/berichten/twitter-zet-vol-in-op-advertising-en-mobiel

http://en.wikipedia.org/wiki/Agenda-setting_theory#cite_ref-4
http://www.marketingfacts.nl/berichten/social-media-zetten-de-agenda-setting-theorie-op-zn-kop

Een Kamervraag is in de Nederlandse politiek een vraag die door een lid van de Eerste Kamer of Tweede Kamer gesteld kan worden aan de regering. Kamervragen en antwoorden worden gepubliceerd als ‘Aanhangsels van de Handelingen’. Het is een veel gebruikt middel om de regering te controleren, en dient binnen een tijdsbestek van drie weken beantwoordt te worden door de betreffende minister. Een mininster kan hierbij met een ‘mededeling’ komen dat het langer zal duren.

De afgelopen tijd kwamen er diverse artikels naar voren en wetenschappelijke beweringen dat de agendering van maatschappelijke problemen vernieuwd moet worden. De Eerste Kamer moet meer inspraak hebben, met de veronderstelling dat een adequate en tijdige politieke agendering van maatschappelijke problemen samenhangt met de vernieuwingskracht van een samenleving, aldus Gerard Bartels, onderzoeker aan de Universiteit van Tilburg . Hij stelt dat innovatieve samenlevingen beter in staat zijn op snel te reageren op maatschappelijke problemen en deze vervolgens te plaatsen op de politieke agenda. Nederland schijnt volgens Bartels op het gebied van politieke agendering van maatschappelijke vraagstukken onvoldoende ge??nstitutionaliseerd. De vraag is dan ook hoe we het proces van politieke agendering kunnen organiseren. Voor een mogelijke oplossing wordt gewezen naar de media, hetgeen wat uiteraard aansluit op mijn onderzoek. De ( sociale) media vervullen hierbij wel een rol maar toch zijn er hier bedenkingen bij. Sociale netwerken zijn voornamelijk gericht op het vervullen van de sociale functie. Tevens zij sociale media vaak te vluchtig en gevoelig voor hypes om daadwerkelijk een rol van betekenis te spelen.

In hoeve

Bijlage

Bronnen

Boeken:
o Veel gekwetter, weinig wol.

Het internet
o http://www.frankwatching.com/archive/2012/05/17/journalistiek-social-media-breuk-met-de-massamedia/
o http://www.marketingfacts.nl/berichten/journalisten-social-media-niet-betrouwbaar-wel-belangrijk-sming14
o http://martenscentre.eu/sites/default/files/publication-files/kansio-digital_democracy_-_final_en.pdf
D. Parvaz, ‘The Arab Spring, chronicled Tweet by Tweet’ Al Jazeera English, 2011,

http://www.aljazeera.com/indepth/features/2011/11/2011113123416203161.html

2 Catharine Smith, ‘Egypt’s Facebook Revolution: Wael Ghonim Thanks The Social Network’ The Huffington Post, 11
november, 2011,
http://www.huffingtonpost.com/2011/02/11/egypt-facebook-revolution-wael-ghonim_n_822078.html

3 Kate Taylor, ‘Arab Spring really was social media revolution’ TG Daily, 13 september, 2011,
http://www.tgdaily.com/software-features/58426-arab-spring-really-was-social-media-revolution

Abigail Hauslohner, ‘Is Egypt About to Have a Facebook Revolution’? Time, 24 januari, 2011,
http://www.time.com/time/world/article/0,8599,2044142,00.html
o
What Was the Role of Social
Media During the Arab Spring?
o Philip N. Howard, University of Washington
o Aiden Duffy, University of Washington
o Deen Freelon, American University
o Muzammil Hussain, University of Washington
o Will Mari, University of Washington
o Marwa Mazaid, Universi
o ty of Washington
http://pitpi.org/wp-content/uploads/2013/02/2011_Howard-Duffy-Freelon-Hussain-Mari-Mazaid_pITPI.pdf
https://globalkib.wordpress.com/2014/01/17/de-arabische-lente-een-overzicht/

Review this essay:

Name
Rating
Your review: (optional)

Latest reviews:

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.