Een lange vakantie heeft een tijdsbestek van vier of meer overnachtingen, 64% van de Nederlanders maakt hier gebruik van. Van beide vormen werd 59% doorgebracht in de zomer. De zomerperiode loopt van mei tot en met september.
De Nederlanders hebben bezuinigd op korte vakanties en lange vakanties namen juist toe. Van de Nederlandse bevolking is 81% minimaal ����n keer op vakantie geweest. Vooral de zomervakantie (64%) is erg belangrijk voor de Nederlanders. Er zijn 18,1 miljoen vakanties in het buitenland gehouden, daarbij horen 181,6 miljoen overnachtingen. In totaal ging 28,3% van de Nederlanders alleen op vakantie naar het buitenland en 31,7% van de Nederlanders gingen zowel naar het buitenland als in ons eigen land op vakantie. (CVO uit trendrapport van 2014, cijfers 2013.)
De top vijf van buitenlandse bestemmingen onder Nederlanders:
1. Duitsland, met 3.183.000 vakanties en 31.711.000 overnachtingen.
2. Frankrijk, met 2.674.000 vakanties en 20.168.000 overnachtingen.
3. Belgi��, met 1.766.000 vakanties en 20.079.000 overnachtingen.
4. Spanje, met 1.759.000 vakanties en 13.712.000 overnachtingen.
5. Oostenrijk, met 1.178.000 vakanties en 11.555.000 overnachtingen.
Deze bestemmingen zijn populair, omdat toeristen zich makkelijk kunnen verplaatsen op deze bestemmingen. Daarnaast spreken het klimaat, de verschillende landschappen en het imago van deze landen, Nederlanders erg aan.
Meest voorkomende verblijfsvormen onder Nederlanders:
1. Voor de Nederlanders staan hotels en pensions op nummer ����n. Eendere van het totaal aantal vakanties wordt door Nederlanders doorgebracht in een hotel of pension. Dit bestaat uit 26% van alle overnachtingen.
2. Op de tweede plaats volgen: bungalows, een zomerhuisje of een tweede huis. Zo���n 26% van alle vakanties wordt door Nederlanders hierin doorgebracht en bestaat uit 22% van alle overnachtingen.
3. Op de derde plaats volgen: een tent, caravan of camper. In totaal wordt 21% van de vakanties door Nederlanders hierin doorgebracht en bestaat 29% van alle overnachtingen hieruit.
Ook verblijven veel Nederlanders bij vrienden, familie of kennissen. Deze verblijfsvorm bestaat uit 1,2 miljoen vakanties met 11.709.000 overnachtingen. Veel Nederlanders maken hier gebruik van, omdat zij een stad willen bezoeken of naar het strand willen gaan. Drie kwart van de familie, vrienden of kennissen zijn aanwezig tijdens een verblijf, ����n kwart niet. Een vijfde deel van de Nederlanders die van deze verblijfsvorm gebruik maakt, gaat voor een korte periode op vakantie, de rest voor een langere periode. De voorkeur voor deze vorm van verblijf ligt in de winterperiode. De favoriete bestemmingen zijn: de Verenigde Staten, Canada, Spanje, Frankrijk, Groot-Brittanni��, Zwitserland, Duitsland en Turkije.
Een andere vorm van verblijf, is de seizoensrecreatieve verblijfsvorm. Dit is een vakantie waarbij men de nacht doorbrengt in een eigen logiesmiddel, een caravan, tent, tweede woning of een ligboot. Deze verblijfsvorm bestaat uit 12% van de vakanties, oftewel 4,2 miljoen vakanties worden op deze manier doorgebracht.
1.1 Trends
Trends 2016, accommodaties:
– Its���s cool to be green: mensen willen in een gecertificeerde accommodatie verblijven, maar willen ook geld uitgeven op de plaats van bestemming en aan de community daar.
– All exclusive: mensen willen een unieke ervaring beleven op vakantie met luxe, maar dan op hun eigen manier. Luxe kan op verschillende manieren toegepast worden. Een accommodatie kan bijvoorbeeld luxe zijn, maar het transport niet. Een voorbeeld is een all inclusive hotel. Mensen genieten van de luxe in het hotel, maar bepalen zelf hoe zij de rest van hun vakantie willen vieren.
– Mystery me: de accommodatie wordt door een organisatie bepaald. Dit brengt spontaniteit in de manier van reizen. Op het vliegveld of op een centraal punt wordt pas duidelijk naar welke bestemming er zal worden gereisd. De bestemming is onbelangrijk, het gaat om het verrassingseffect.
– Do it peer: dit houdt in dat er op vakantie wordt gegaan met gelijkgestemden. Gezamenlijk wordt er bepaald waar de reis naartoe gaat, in welke accommodatie er verbleven wordt en welke activiteiten er daar ondernomen zullen worden. Samen plannen smeden voor de accommodatie staat centraal.
Transport trends:
– No size fits all: dit betekent dat alles met betrekking tot transport wordt bepaald. Er worden bijvoorbeeld kleine zaken voor in het vliegtuig, welke het vervoer prettiger maken, bepaald. Zo kan er een film van te voren worden uitgekozen of kun je al een bestelling maken voor het eten.
– Op de bonnefooi: de manier hoe er naar de bestemming wordt toegewerkt maakt niet uit, zolang er maar geen technologie wordt gebruikt. Caravanity zette deze trend in. Gewoon op reis gaan met een ���opgepimpte��� caravan, waarbij geen technologie wordt gebruikt, maar gewoon het gevoel wordt gevolgd.
De wensen van de mensen hebben ook trends:
– Under the radar: de mensen willen geen massatoerisme meer opzoeken, maar juist onbekende plekken ontdekken. Originaliteit in het op reis gaan behouden. Bestemmingen en activiteiten worden door deze trend weer erg origineel.
– Make memories: mensen willen herinneringen hebben aan hun vakantie. Er wordt kort op vakantie gegaan, maar ook goedkoop luxe. Er wordt gezorgd dat ze op bepaalde sites een leuk, luxe hotel hebben voor een laag betaalbaar prijsje.
– Solo: Alleen reizen is helemaal de trend. Op deze manier kan er op eigen tempo gereisd worden en hoef je geen rekening te houden met anderen. Mensen ontdekken zichzelf hierdoor eerder en maken sneller nieuwe vrienden.
Een korte vakantie in het buitenland kost gemiddeld ��� 250,- euro per persoon. Een lange vakantie ongeveer ��� 810,- euro per persoon. De seizoensrecreatieve verblijfsvorm en het verblijf bij vrienden, familie en kennissen, kost relatief minder. Hierbij ben je namelijk minder, tot helemaal geen, geld kwijt aan het verblijf. De bestedingen van deze vormen van verblijf komen gemiddeld uit op ��� 478,- euro per persoon, per vakantie.